Agrifoodclicks

Vivera lanceert plantaardige biefstuk

26191b87e2496479204e920ff4a2145e854e205f

Producent van vleesvervangers Vivera levert de eerste 100 procent plantaardige biefstuk ter wereld aan de 400 winkels van de Britse supermarktketen Tesco. Binnenkort volgen Nederlandse supermarkten en vanaf de tweede helft van dit jaar ligt de biefstuk ook in Duitse, Franse en Italiaanse winkels.

Vivera in Holten – met een weekproductie van meer dan 1 miljoen vleesvervangende producten een van de drie grootste producenten in Europa – verwacht dit jaar nog miljoenen biefstukken te produceren. De vleesvervangers zijn in 23 Europese landen en bij zo’n 25.000 supermarkten verkrijgbaar.

De biefstuk, gemaakt van alleen plantaardige ingrediënten als tarwe en soja, is geschikt voor vegetariërs, veganisten en flexitariërs. Gert Jan Gombert van Vivera: “Een grote groep vegetariërs, veganisten en flexitariërs heeft al vele jaren enorme interesse in een dergelijk product. Met de doorbraak van grootschalige productie kan een grote groep consumenten genieten van dit zeer smaakvolle plantaardige product. De geur, smaak en bite zijn nauwelijks te onderscheiden van echte biefstuk en wij zijn ervan overtuigd dat het in een grote behoefte voorziet. Het is van groot belang dat we minder vlees eten, zowel voor onze eigen gezondheid, dierenwelzijn en voor onze planeet. Innovatieve en hoogwaardige plantaardige producten kunnen hieraan een belangrijke bijdrage leveren.’

Vivera voegt het nieuwe product toe aan het assortiment Plantaardig waarin al Falafel, Gehakt, Bean Burger en een Zigeuner Schnitzel te vinden zijn. De producent in Holten  brengt sinds 1990 een assortiment vegetarische en plantaardige maaltijdcomponenten in de segmenten Vegetarisch, Lupine en Biologisch.

De focus van Vivera ligt op het realiseren van een productassortiment dat voor het eind van dit jaar voor 100 procent uit plantaardige producten bestaat. Het assortiment omvat ruim 40 vleesvervangende producten die zijn samengesteld uit onder meer tarwe, soja, erwten, mais, rijst en groenten.

Vivera is Founding Member van de Green Protein Alliance en mede-oprichter van Het Planeet (Platform Duurzame Eiwitten). Beide organisaties stimuleren de eiwittransitie van dierlijke naar plantaardige eiwitten. Dit is beter voor mens, dier en milieu en levert nieuwe marktkansen op voor alle partijen in de keten. Het bedrijf heeft tevens met de Dutch Tofu Company een geavanceerde productiefaciliteit voor tofu in Europa.

Grootschalig plantaardig produceren wordt de toekomst

De ontwikkeling van plantaardige biefstuk past in het innoveren van gezonde en kwalitatief hoogwaardige vleesvervangende producten. Grootschalig plantaardig produceren wordt de toekomst; de interesse van consumenten in gezondere en duurzamere voeding neemt in grote delen van Europa sterk toe. Zo eet inmiddels tweederde van de Nederlanders een dag of meer per week geen vlees meer.

Volgens de FAO (Food and Agriculture Organization van de VN) zal de wereldconsumptie bij onveranderd beleid verdubbelen in 2050. De productie van plantaardige voeding biedt voordelen als gevolg van een veel lagere milieubelasting en druk op schaarse hulpmiddelen als landbouwgrond en water.

 

AH en De Vegetarische Slager lanceren Maaltijdsalade met Visvrije Tonyn

Vegetarische Slager Vegetarische-Tonyn.AH jpg

Albert Heijn lanceert leckers van De Vegetarische Slager: een Oosterse Maaltijdsalade met Visvrije Tonyn en 200 gram verse groente, udon noodles en ketjapdressing.

De nieuwe Oosterse maaltijdsalade is gepresenteerd in het onlangs geopende Vegetarische Slager restaurant De Vleesch Lobby in Den Haag.

Jaap Korteweg, directeur van De Vegetarische Slager: “De Vegetarische Slager is er om vooroordelen uit de weg te ruimen. Dat is gelukt met een vegetarische lunch waar liefhebbers vleesch noch visch missen.” De salade is geschikt voor vegetariërs, flexitariërs en liefhebbers van vis.

De nieuwe maaltijdsalade is een vervolg op de introducties van eerdere vegetarische producten die het team van De Vegetarische Slager samen met Albert Heijn ontwikkelde zoals de Vegetarische Kipshoarma Pizza met tomaten en knoflooksaus. Om aan de groeiende vraag van de consument te voldoen wordt het aanbod van De Vegetarische Slager  steeds verder uitgebreid binnen Albert Heijn, de marktleider in vegetarische producten.

     

 

 

 

Biologische sector groeide in 2017 met 7%

Bio ass AGF afdeling 1 - gimsel

 

De biologische sector groeide vorig jaar met 7 procent, een procent meer dan verwacht. De toename kwam name van handel en verwerking. In totaal nam het aantal biologische bedrijven geregistreerd bij Skal Biocontrole met 420 toe. Met de groeiende vraag naar biologische producten is er volop ruimte voor meer biologische boeren in Nederland. 

 

In de landbouw zijn er steeds meer nieuwe instromers, vooral bij de varkenshouders, melkveehouders en (glas)tuinbouw. 

In Zuid-Nederland is de ontwikkeling hoopvol. De drie zuidelijke provincies hebben tot nu toe het laagste percentage biologisch areaal. In Noord-Brabant en Limburg groeide het areaal in omschakeling in 2017 hard ten opzichte van 2016. In Noord-Brabant was in 2016 131 hectare in omschakeling, in 2017 groeide dat naar 642 hectare. In Limburg was het 54 hectare en was in 2017 256 hectare in omschakeling. Zeeland heeft in 2017 een nhaalslag gemaakt in areaal in omschakeling (van 35 naar 263 hectare).  

Weliswaar groeide het aantal biologische landbouwbedrijven met 164 en nam het areaal  toe met 7.751 ha, maar verdere groei in de biologische landbouw is hard nodig om aan de sterk groeiende vraag te voldoen. 

 

Rol van provincies

Bionext, ketenorganisatie voor de biologische sector, ziet een prominente rol voor provincies als het gaat om het stimuleren van biologische landbouw. Manager Miriam van Bree licht toe: “Onze verwachting  is dat de vraag naar biologische producten in 2018 met bijna 10 % groeit en dat de biologische landbouw in 2018 met 5 % groeit. Er is dus volop ruimte in de markt voor nieuwe biologische boeren.

De provincies kunnen bijvoorbeeld omschakelprojecten organiseren. Groningen en Limburg hebben op dit moment zo’n biologisch promotieprogramma. Boeren kunnen hierbij via een introductiecursus kennismaken met biologisch, in een keukentafelgesprek met een expert doorpraten over financiële en bedrijfsmatige aspecten. In Limburg kunnen omschakelaars al hun vragen kwijt bij ‘boerenbuddies’:  een ervaren bio-boer fungeert hierbij als vraagbaak. Andere provincies kunnen deze aanpak zo overnemen.”

 

 

Groentenbrood krijgt podium bij AH XL

GroentenbroodAH 27857807_1936097849989266_2789130858268524816_n Groentenbroodass 10344290_1420442094888180_2452208984856948383_o

AH XL Gelderlandplein in Amsterdam gaf onlangs een podium aan Groentenbrood. De testlocatie in de winkel bracht het brood in varianten met tomaat, spinazie en wortel onder de aandacht van de klant.

De broodjes van 100 gram, gebakken als regulier brood maar met sap en pulp van groenten als toevoeging, komen van food developer Daan Riedijk. Hij kijkt nu naar mogelijkheden om Groentenbrood ook als heel brood voor retailverkoop aan te bieden.

De food developer ontwikkelde het concept vier jaar geleden samen met een bakker. Deze ambachtelijke bakkerij krijgt sap en pulp als product uit de reststroom van twee sapproducenten aangeleverd.

“We bakken nu maandelijks rond 20.000 bagels en 10.000 broodjes. Dit gebeurt volgens het gebruikelijke bakproces met meel en gist, maar de bakker gebruikt in plaats van water het groentensap”,  vertelt Riedijk. De broodjes krijgen een topping van zonnebloem- of pompoenpitten of gries en bevatten geen smaak- en kleurstoffen of E nummers.

 Catering en foodservice

Het product, dat al bij lunchroomformule Bagels&Beans op de menukaart staat, komt ook bij catering en foodservice in trek. Riedijk: “We leveren aan onder meer groothandel Zegro in Rotterdam, leverancier van horecaketen New Fork en Just Like Your Mom catering. Groentenbrood past in catering in de opkomende trend naar gezonder eten en in de behoefte om onderscheidende producten met smaak in de markt te zetten”.

Delibugs lanceert nieuwe producten

Insectenteler Delibugs is bezig met de lancering van nieuwe producten. Binnenkort zijn verkrijgbaar pindakaas met meelwormen en een choco bug tablet, een chocoladereep met meelwormen, brandkrekels en sprinkhaan. Het bedrijf ontwikkelt ook pannenkoekenmix met insecten en gedroogde pasta met insecten. De producten zijn online verkrijgbaar.

Ook Bagels & Beans heeft een Bugs Bagel op de menukaart. De lunchroomformule haakt met de bagels – met een topping van sprinkhaan, krekel en meelworm – in op de trend om vlees te vervangen door andere eiwitrijke producten.

De insectenkwekerij in Lelystad die eind vorig jaar failliet ging, maakt een doorstart na de overname door DaklaPack Group. Dit bedrijf voerde de verpakkingsactiviteiten van de producten van Delibugs uit. Delibugs dat ook onder de naam Insect Europe meelwormen, sprinkhanen en krekels kweekt, is nu vijf jaar actief met de verkoop van eetbare insectensoorten.

 Bagels&BeansDelibugs 918-00fa59afabd75f5846f1cf6eec6211a8 - kopie

Alternatief voor vlees

Gekweekte insecten zijn als bron van eiwit een bruikbaar alternatief voor vlees. Enkele weetjes: Eetbare insecten bevatten 40 tot 70 procent aan eiwitten. Honderd gram insecten per dag zijn voor een volwassene voldoende om in de dagelijkse hoeveelheid eiwit, ijzer en vitamine te voorzien. Eetbare insecten zijn gemakkelijk te verwerken in een salade, pastagerecht, brood of shake.

Insecten staan in ruim 100 landen al op het menu. Er zijn op de wereld ongeveer 1400 soorten insecten die voor de mens eetbaar zijn. Insecten zijn groen en duurzaam: er is minder uitstoot van broeikasgassen en ze vereisen weinig water en ruimte. Insectenkweek is fors milieuvriendelijker dan vleesproductie.

Wolhandkrab en zilte groenten uit de Wieringermeer

Wolhandkrabmetslaachteroeverwieringermeer

Wolhandkrab en zilte groenten rechtstreeks van de boerderij uit de Wieringermeer. Het kan: bij een boerderij pal achter de IJsselmeerdijk in de kop van Noord-Holland liggen visvijvers waarin de Chinese krabbensoort en ook karpers worden gekweekt. Op het water drijven bakken waarin sla groeit en er zijn testen met de teelt van gewassen in zilt water.

Het is een opzet in een duurzaam gesloten systeem dat zoet met zilt water verenigt.In dit project Achteroever Wieringermeer verkennen Rijkswaterstaat, visonderneming Meromar Seafoods, onderzoeksinstituten Deltares en Zilt Proefbedrijf en Sportvisserij Nederland de mogelijkheden op het gebied van waterbeheer, aquacultuur en tuinbouw.

Duurzaam van krab en vis tot sla

Het systeem op de boerderij aan de dijk is volledig duurzaam. De Chinese wolhandkrab komt als klein diertje uit het zoete IJsselmeerwater in de netten van vissers terecht en gaat voor de verdere groei in een van de vier zoet waterbassins van de boerderij.

De krab kwam in de vorige eeuw in het ballastwater van schepen naar Europa toe en vormt nu als gekweekt schaaldier voor aquacultuurbedrijf Meromar Seafoods, een van de projectpartners, een geliefd exportproduct voor de Aziatische keuken.

De wolhandkrabben en de karpers worden gevoerd met larven van Black Soldier Flies. Deze vliegenlarven zijn onder led licht gekweekt met afval van de geteelde sla en van gft dat ze deels ook in compost omzetten.

De uitwerpselen van de krabben en karpers dienen weer als mest voor de slateelt op de boerderij. De karpers in de visvijvers bevorderen de teelt van sla in de drijvende bakken. De vissen zorgen voor bodemwerking in de bassins. Ze woelen in de grond waardoor goede voedingsstoffen voor de sla naar boven komen.

Testen met zilt en zoet

Op de boerderij worden op 20 hectare testen met de teelt in zoet en zilt water uitgevoerd. De Wieringermeer polder, die in 1930 uit de voormalige zoute Zuiderzee is ontstaan, heeft ook nu nog te maken met kwelwater. Dit is mild zilt water dat vanuit de polderbodem opwelt naar de oppervlakte. Dit komt omdat de polder meters diep onder het waterniveau van het IJsselmeer ligt. Het brakke zoute water kan geschikt zijn voor de teelt van zilte groenten, zo onderzoekt Zilt Proefbedrijf. De boeren in de belangrijke agrarische polder die de Wieringermeer is, kunnen er echter alleen gewassen verbouwen wanneer er voldoende zoet water door de sloten spoelt. Die combinatie van brak en zoet water is ideaal om te onderzoeken of een gesloten systeem ook in gebieden met verzilting elders in Nederland en in de wereld kansen voor een rendabele gewassenteelt heeft.

Achteroevers voor voedsel wereldwijd

Achteroevers, locaties voor de berging van zoet water binnen de dijk, vormen niet alleen een antwoord op klimaatverandering, de stijgende zeespiegel en de behoefte aan een flexibeler waterpeil. Het concept is naast zoetwater opslag ook geschikt voor het duurzaam produceren van voedsel in ons land en wereldwijd.

De vraag naar schoon zoet water en voedsel neemt immers overal in de wereld toe terwijl de beschikbaarheid door de groei van de bevolking en klimaatverandering steeds meer onder druk staat.

De onderzoekspartners willen Achteroever Wieringermeer ontwikkelen tot een natuurlijk productiesysteem waarin water en alle grondstoffen maximaal worden benut. Wanneer de processen voor zilt en zoet water haalbaar en rendabel blijken, biedt het project nieuwe opties voor het waterbeheer en voor opschaling in het IJsselmeergebied en andere regio’s die te maken hebben met verzilten.

Het project Achteroever in de Wieringermeer gaat dan ook nieuwe producten verder ontwikkelen en kennis verzamelen over duurzame watergestuurde en gecombineerde productieprocessen voor voedsel.

In het netwerk van publieke en private partijen wordt meegedacht over de mogelijkheden voor opschaling. Hierin denken ook Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier, Stichting AKWA, provincie Noord-Holland en gemeente Hollands Kroon mee.

De pilot van rond 2,8 miljoen – deels opgezet met subsidie vanuit het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling (EFRO) en de provincie Noord-Holland, wordt in maart 2019 afgerond.

Dit artikel is gepubliceerd in de rubriek Agri & Food van  maakindustrie.nl

 

Blockchain helpt ketenschakels in agri & food met slim samenwerken

Blockchain helpt alle schakels in de keten van agri & food in slim samenwerken, ook  de consument. Informatie delen tussen partijen zorgt bij de uiteindelijke klant voor meer openheid over kwaliteit, herkomst en samenstelling van het product en helpt hem om gezonder te kiezen bij zijn aankoop van voeding.

Bedrijven die actief zijn in ketens voor eieren, vlees, groente, fruit en aardappelen kunnen nu beginnen met de technologie in het eerste Nederlandse blockchainplatform in de agri & foodsector. Het platform, dat is ontwikkeld door Food Insights en in licentie beschikbaar wordt gesteld, geeft alle schakels gelegenheid tot open communiceren.

De technologie vergroot kansen voor onderling samenwerken en het delen van product- en productie-informatie. Door het beschikbaar stellen van dergelijke gegevens kunnen boer, teler en veehouder efficiënter en marktgerichter produceren en zo bijdragen aan het beperken van voedselverspilling. Ondanks talloze initiatieven in het terugdringen van food waste is de verspilling nog relatief hoog. We gooien per persoon jaarlijks  rond 50 kilo voedsel wel en grofweg 38 procent van voeding voor menselijke consumptie wordt weggegooid of verwerkt tot veevoer.

Bijdragen aan circulaire transitie

Blockchain kan tevens helpen om circulariteit te bevorderen, verwacht FoodInsights. Nu Nederland in de startblokken staat voor een transitie naar een circulaire economie wordt het recyclen van rest- en zijstromen in de agri en foodsector een belangrijke factor voor het slagen van die transitie.

Door die transparantie versterken bedrijven hun onderlinge relatie in de keten, niet alleen tot en met de consument, ook toezichthouder en financiers blijven betrokken door het delen van informatie.

Het platform ondersteunt bedrijven ook om de kwaliteit van producten te borgen, de keten slimmer op te zetten en het werkkapitaal makkelijker te financieren.

 

Decentraal netwerk

Ook Lan Gé, senior scientist Innovatie, Risico- en Informatiemanagement bij Wageningen Economic Research, ziet voor agrifoodketens de voordelen van een transparant decentraal netwerk dat blockchaintechnologie is.  Lan Gé startte samen met TNO een pilotproject naar de toepassing van blockchaintechnologie in agrifoodketens.

Blockchain kan bijvoorbeeld worden toegepast in certificeringsprocessen van voedselproducten en tracking in logistieke processen. Iedere schakel in de voedselketen zoals producenten, leveranciers, verwerkers, distributeurs, detailhandelaren, regelgevers en consumenten, heeft toegang tot informatie over de oorsprong en kwaliteit van het product. Het blockchainnetwerk kan er dan bijvoorbeeld ook voor zorgen dat de bron van eventuele besmette producten sneller getraceerd kan worden.

De samenwerking tussen Wageningen Economic Research en TNO heeft inmiddels geleid tot een eerste proof of concept voor Agrofood.

Delen zonder risico

Het delen van gegevens in blockchain is zonder risico. De technologie verpakt informatie zo dat dit veilig in ketens en systemen kan worden gedeeld.

Blockchain combineert bestaande technologieën zoals cryptografie en database- en netwerkbeheer voor het uitwisselen van data in een open netwerk. De technologie kan fungeren als een volledig digitale keten naast de fysieke keten.

De bekendste toepassing van de technologie is het Bitcoin-systeem voor betalingen. Volgens Lan Gé is blockchain in feite te gebruiken bij alle vormen van transacties, zoals de registratie van woningtransacties zonder notarissen. Het werken zonder de zogenoemde ‘trusted third party’ maakt zo’n systeem mogelijk efficiënter en minder kwetsbaar. In plaats van intermediairs wordt er gebruik gemaakt van onder andere algoritmes en cryptografie.

Dit artikel is gepubliceerd in de rubriek Agri & Food van maakindustrie.nl

 

 

 

Betere paprika’s en minder energieverbruik met slimme sensoren

SensorenpaprikateeltPointed-Temperature-Sensor-monitort-in-deze-case-paprikas_foto-30MHz-150x150 

Een betere kwaliteit van de paprikateelt met minder energieverbruik: het kan met geavanceerde sensortechnologie. Het Amsterdamse bedrijf 30MHz brengt samen met Kwekerij Moors en Proeftuin Zwaagdijk een draadloze vruchttemperatuursensor op de markt voor de monitoring en aansturing van het groeiproces. De technologie is volgens 30MHz breed toepasbaar in de tuinbouw en wordt als proef ingezet bij paprikakwekerij Moors in Someren.

Bij telers van vruchten en bloemen groeit de vraag naar draadloze infrarood temperatuursensoren. Nu wordt vaak alleen het macroklimaat dus CO2, temperatuur en  luchtvochtigheid gemeten. Door ook het microklimaat te meten kan de instelling van kassen worden verfijnd en kunnen telers sneller inspelen op de plantbehoefte.

Volgens Cor-Jan Holwerda van 30MHz leidt het gebruik van de nieuwe sensortechnologie tot betere resultaten: “Het risico dat vruchten te warm worden waardoor rotting op kan treden neemt substantieel af. Dankzij de sensoren die met infrarood hun metingen doen worden zaken als temperatuur, vochtigheid, watergift, ventilatie en verwarming optimaal geregeld. De uitval gaat omlaag en de opbrengst omhoog.”

De hitte- en vochtbestendige sensoren zijn verstelbaar en kunnen desgewenst van plek wisselen. De resultaten van de metingen worden door teeltspecialisten op een gepersonaliseerd en aanstuurbaar dashboard uitgelezen.

Toepassing van draadloze sensortechnologie in combinatie met een voor iedere teler op te stellen klimaatmodel tot energiebesparing en kwaliteitsverbetering leiden, verwacht Holwerda. “Voor ons project in de paprikateelt houden we rekening met een energiebesparing van minimaal vijf procent in de komende vijf jaar. Een bijkomend pluspunt is dat het gebruik van chemische gewasbescherming kan worden verminderd.” Het klimaatmodel wordt mede gebaseerd op bestaande meetwaarden in de kas en aangevuld met nieuwe informatie.

Nederlands afvalwater wordt voedingsbron cacaoplantages Dominicaanse Republiek

 

De wereld verkeert in een chocolade crisis. De vruchtbare gronden waarop cacao groeit worden steeds armer. De grondstoffen en nutriënten die in de producerende landen uit de grond worden gehaald, worden in het westen opgegeten en gaan niet meer terug naar waar ze vandaan komen.

 Chocolatemakers gaat hier met Nederlandse Waterschappen en de Tres Hombres wat aan doen, namelijk struviet (fosfaat) dat de Waterschappen winnen uit het Nederlandse afvalwater terugbrengen naar cacaoplantages in de Dominicaanse Republiek. Daar wordt het weer als voedingsrijke grondstof gebruikt.

 Afvalstof wordt voedingsstof

Waterschappen winnen struviet als een van de waardevolle grondstoffen terug uit afvalwater. Dit mineraal wordt in de Dominicaanse Republiek gemixt met lokale organische stof en compost om zo een duurzame grondstof voor cacaobomen te vormen.

De Tres Hombres heeft bij aankomst in Nederland de nieuwe oogst biologische cacao voor Chocolatemakers gelost. Het zeilende vrachtschip vaart terug met struviet. Zo wordt in Nederland een overschot aan fosfaat verminderd en het tekort op de Dominicaanse Republiek aangevuld

 Rodney Nikkels van Chocolatemakers: ”De bodem op cacaoplantages wordt steeds armer doordat nutriënten via de cacaobonen naar onder andere Nederland worden geëxporteerd en niet worden aangevuld. Hierdoor wordt de fosfaathuishouding in de bodem verstoord. Als het groeien van cacao een toekomst wil houden zijn drastische oplossingen nodig”.

De bodemverarming van cacaoplantages komt deels door het gebrek aan kennis bij boeren over bodembeheer, biodiversiteit en klimaatverandering, maar vooral door het eenrichtingsverkeer van nutriënten. Door bodemverarming worden cacaobomen ziek of gaan ze dood en er ontstaat ontbossing voor de aanwas van nieuwe cacaoplantages. Jongere generaties boeren willen geen cacaoboer meer worden.

Over Chocolatemakers

Chocolatemakers is een ‘bean to bar’ ambachtelijke chocoladefabriek in Amsterdam Noord.  Chocolatemakers koopt hoge kwaliteit biologische cacao direct bij de cacaoboeren in voor een eerlijke en goede prijs. De chocoladerepen worden verpakt in 100% recyclebaar materiaal en bedrukt met bio-inkt. Chocolatemakers werkt samen met boerencoöperaties in Peru, Dominicaanse Republiek en Congo.

IPSS denkt aan mobiele suikerraffinage op erf

WURpilotplantsuikerbLayout-RD1-1024x723

Ingenieursbureau IPSS denkt aan mobiele suikerraffinage op het erf van boerderijen. De mobiele fabrieken zijn ondergebracht in zeecontainers en worden bij boerderijen geplaatst om op locatie suiker uit suikerbieten en reststromen te halen. Het idee is om uiteindelijk kleine mobiele suikerfabrieken in zeecontainers te bouwen en te plaatsen bij bedrijven die reststromen hebben. Dit is mogelijk door een procedé dat is ontwikkeld door Wageningen UR.

Met de nieuwe methode kunnen suikerbieten bij boeren op het erf eenvoudig worden geraffineerd tot suikers. Suikerbieten, grondstoffen en reststromen bevatten eveneens aminozuren. Om reststromen meerdere componenten bevatten zijn vaak veel bewerkingen nodig om deze eruit te halen.

Het procede van Wageningen UR heeft dankzij een anti-solvent minder processtappen nodig om de componenten te isoleren. Door dit anti-oplosmiddel toe te voegen aan het mengsel en vervolgens het water weg te vangen, worden suikers en andere componenten onoplosbaar en kristalliseren ze. Het proces is energiezuinig en werkt zonder drogen en centrifugeren. Daardoor kan het lokaal en op kleine schaal worden ingezet, zoals bij boerderijen.

IPSS start in Wageningen een pilotfabriek om het procedé verder te testen en te onderzoeken naar commerciële haalbaarheid.

Ook andere reststromen verwerken

IPSS en Wageningen UR rekenen ook op verwerking van andere reststromen, bijvoorbeeld afkomstig van de appelmoesindustrie. Daarnaast wordt onderzocht of suikers uit andere reststromen gekristalliseerd kan worden.

Een kleine proeffabriek volgens IPSS in de vijftien weken van het bietenseizoen zo’n 300 hectare suikerbieten verwerken. Het maximale volume van de andere grondstoffen is nog onbekend.

Er is in Nederland behoefte aan meer capaciteit om suikers uit bieten te raffineren. Ons land heeft in Hoogkerk en Dinteloord twee grote productielocaties van Suiker Unie waar suikers uit bieten wordt gehaald.  Er is behoefte aan meer capaciteit, maar een nieuwe productiefaciliteit kost 500 miljoen euro.

Ook interesse in buitenland

Ook in het buitenland is volgens IPSS interesse in de mobiele suikerraffinage, onder meer in de suikerproducerende en -verwerkende industrie in Duitsland, Zwitserland en Nigeria en bij de teelt van suikerhoudende gewassen in Portugal, Canada en Engeland.

Oudere berichten »

 

  Kennis- en innovatieplatform voor de agrifoodketen ©2018 Ria Besseling