Agrifoodclicks

HeksenBartje uitgeroepen tot allerlekkerste belegde broodje

Winnares Lekkerste Bartje - Fleur Sauvé

Het HeksenBartje van Fleur Sauvé is met bijna 70.000 stemmen uitgeroepen tot het allerlekkerste belegde broodje van Bakker Bart. De winnares  liet met Heksenbartje bijna 3000 inzendingen van receptsuggesties achter zich. Haar recept: Heks’nkaas, gerookte kipfilet, gekookt ei, tomaat en ijsbergsla.

Proeven in alle winkels

Hoe lekker het winnende Bartje is kan iedereen van 14 oktober tot en met 10 november proeven in alle 170 vestigingen van bakkerijketen Bakker Bart. Kenmerkend voor de formule is dat alle winkels met vers deeg werken en dagelijks verse broodproducten bakken. Naast brood voor thuis, biedt Bakker Bart ook belegde broodjes, dranken en zoete en hartige snacks. Al deze producten zijn ook online verkrijgbaar.

Het Bartje is een driehoekig broodje van Bakker Bart dat met allerlei lekkers belegd kan worden. Om liefhebbers van het belegde broodje uit te dagen had Nederlands grootste bakkerijketen eerder dit jaar een wedstrijd uitgeschreven: deel jouw originele idee voor een belegd Bartje voor een plek in de finale. Een deskundige jury selecteerde de twee lekkerste broodjes, waarna heel Nederland de allerlekkerste mag kiezen. De winnares ontvangt behalve eeuwige Bartje-roem en tijdelijke opname op de menukaart van Bakker Bart een cheque van 1000 euro.

Bartje Salsa als runner-up

In de finale moest het HeksenBartje het opnemen tegen de Bartje Salsa van Teun Ruis (metguacamole, bacon, zoetzure paprika, geraspte kaas, nacho’s en zoetzure topper). Uiteindelijke winnaar Fleur heeft 69.601 stemmen gekregen tegenover 56.118 voor Teuns creatie.

 

Smakelijke en hilarische suggesties

Onder de inzenders zaten de meest smakelijke, maar soms ook wel hilarische suggesties:

  • Bartbecue
  • Junglefeestje
  • Pestokippie
  • CheeseBreeze
  • Veggiefestijn
  • Chili Advocado
  • Brie-licious
  • Fit met Britt
  • HolyGuacamoly
  • Broodje Kapsalon

 

 

­­­­­

Diviande lanceert Fifty Fifty: hybride product van half vlees half groente

Diviande Package-FiftyFifty-web-300x160-1-300x180

Diviande lanceert Fifty Fifty, een nieuw hybride productconcept dat voor 50 procent uit vlees en voor 50 procent uit groente bestaat.

Fifty Fifty is volgens Diviande een alternatief voor consumenten die minder vlees willen eten (flexitariërs). Ook kan het gebruikt worden om kinderen meer groente te laten eten.

Het concept bestaat momenteel uit twaalf producten, waaronder een Boon-stam, Bretonse Schnitzel, Champignon Schnitzel, Koteletto, Burger Italian style en Burger Mexican style.

Voor de producten worden meer dan vijftien soorten groente gebruikt. Fifty Fifty zit in een  verpakking die volgens Diviande het plasticverbruik met 80 procent terugdringt.

Diviande is een internationale vleesproducent, ingericht voor het portioneren en vacuüm verpakken voor retail, horeca, cash en carry en de leisure markt. 

 

Colruyt Group: een jaar Nutri-Score

Nutri-Score Colruyt NS op SWF app (1)

Colruyt Group begon nu precies een jaar geleden met Nutri-Score. Dit zijn de stappen die de supermarktorganisatie zette met het voedingswaarde-etiket.

Een van de twee Boni Selection-producten heeft nu het label op de verpakking, met name in de categorieën (vers) bereide gerechten, oliën, kaas, yoghurt, veggie vers, pasta, rijst en conserven. In het najaar van 2020 vermeldt het complete Boni Selection assortiment Nutri-Score. Begin volgend jaar liggen ook de eerste Spar Colruyt Group producten met het logo in de schappen.

Sinds september vorig jaar kunnen consumenten de Nutri-Scores van de 20.000 producten in de winkels van zowel eigen merken als nationale merken online raadplegen. Dat kan via de SmartWithFood app, de MyColruyt app, op de website van Colruyt en op het Collect & Go platform. Coluyt was de eerste Belgische retailer die dit mogelijk maakte en wil ook verder blijven inzetten op dit digitale aspect.

Pilots bij Bio-Planet en Okay

Bio-Planet startte in juni met een project om het Nutri-Score-label uit te rollen op het prijsetiket en test dit momenteel in vier categorieën: ontbijtgranen, vers brood, chips, yoghurt (inclusief de plantaardige alternatieven) in vier pilotwinkels – zowel voor eigen merken als nationale merken

Ook de winkelformules OKay en OKay Compact zullen vanaf oktober in zo’n twaalf winkels testen uitvoeren om de Nutri-Score van producten in de winkel op het prijsetiket mee te geven. Nutri-Score zal zichtbaar zijn op het prijsetiket van producten binnen de categorieën yoghurt en kaas, ontbijtgranen, koeken, bereide maaltijden en brood en bake-off.

Binnen het bestaande project waarbij het voedingsteam van Colruyt Group waar mogelijk de nutritionele samenstelling van eigen merken verbetert, wijzigden ook enkele Nutri-Scores. Boni kaas met vruchten ging van C naar B, Boni taboulé van van C naar B en de lasagne bolognaise van Boni (100gram) veranderde van B naar A.

De Colruyt-formule zal tijdens de eerste les van het schooljaar van Colruyt Cooking Class (https://nl.cookingclass.be/) Nutri-Score behandelen om kinderen goed te informeren.

Herkenning en vertrouwen bij consument

In september vorig jaar en in maart van dit jaar voerde GfK in opdracht van Colruyt Group een marktonderzoek uit naar hoe consumenten naar logo’s op verpakking kijken. Vergeleken met de resultaten van september 2018 geven de respondenten in maart veel meer aan dat ze aandacht besteden aan de logo’s op de verpakkingen (bio, ASC – label voor duurzame kweekvis -, veggie, Nutri-Score).

Zeven van de tien Belgen kent het Nutri-Score logo en weet waarvoor het staat – 61% weet dat Nutri-Score iets te maken heeft met de nutritionele waarde van een product. In de perceptie van de respondenten wordt Nutri-Score bij 43% ook gelinkt aan gezondheid. De bekendheid/herkenbaarheid van het Nutri-Score logo ligt op hetzelfde niveau als dat van het bio-logo.

Naast herkenbaarheid krijgt het Nutri-Score logo ook steeds meer vertrouwen: 42% in maart 2019 ten opzichte van 30% in september 2018;

Respondenten geven aan dat het Nutri-Score logo hen helpt om verantwoorde keuzes te maken. Daar staat het logo op hetzelfde niveau als het bio en ASC-logo. Toch geeft nog 30% van de respondenten aan dat het Nutri-Score logo hen niets doet. Daarom blijft Colruyt Group en de winkelformules inzetten op communicatie en campagnes onder andere in het najaar om klanten verder mee te nemen in het verhaal van Nutri-Score.

 Het Nutri-Score label is volgens Colruyt Group een solide basis voor een goed geïnformeerde voedingskeuze. Het is aan de retailer om te informeren en aan de klant om te beslissen welke product hij kiest. Dat geldt voor zowel de producten met score A als die met  D of E. Al deze producten kunnen een plaats hebben in een evenwichtig voedingspatroon.

Yuka app voor gezonde producten krijgt steeds meer aanhangers

Yuka 56823215_706629083086532_8311052040369340416_nYuka, een Franse app die de gezondheidsscore van producten aangeeft, krijgt steeds meer aanhangers. Wereldwijd raadplegen al 11,5 miljoen consumenten de gratis app.

Yuka scant met de smartphone de streepjescode van een product en toont dan een gezondheidsscore, aangevuld met kleurcodes. Producten krijgen punten voor de voedingskwaliteit op basis van calorieën, suiker, zout, verzadigde vetten, eiwitten en vezels , voor de afwezigheid van al dan niet schadelijke additieven en voor het al dan niet biologisch zijn van het product. Yuka vermeldt nu 450.000 producten.

De app is nog niet beschikbaar voor de Nederlandse consument. De Belgische klant kan Yuka sinds dit voorjaar in het Frans of het Engels raadplegen. Er zijn nu ongeveer  250.000 Belgen die de app op hun smartphone hebben.

Yuka telt in totaal ruim 11,5 miljoen gebruikers in Frankrijk, België, Zwitserland, Luxemburg, Spanje en Groot-Brittannië. Eind dit jaar volgen de VS en Canada.

Nutri-Score 30739332_1197247207073121_2009777964174016512_o

Nutri-Score

Ook Nutri-Score geeft de klant inzicht in de gezondheidsscore van een product. In Belgie is dit voedsekeuzelogo nu een jaar in gebruik, in Nederland is discussie over het al dan niet invoeren van het logo. Voedingsfabrikanten aarzelen, maar de supermarkten zien het etiket graag op producten in de winkel. Volgend jaar moet duidelijk zijn of Nutri-Score op de verpakkingen komt.

Albert Heijn online  

Albert Heijn wil dit najaar beginnen met vermelding van Nutri-Score op het online-assortiment. Dit om te kijken wat de reacties van klanten zijn en of Nutri-Score hen helpt een gezondere keuze te maken. Alle eigenmerk-producten op ah.nl krijgen na de zomer het Nutri-Scorelogo. Daarna wil Albert Heijn starten met productcategorieën in de winkel waarbij klanten graag geholpen worden met een gezondheidslogo zoals zuivel en ontbijtproducten.

Albert Heijn pleit sinds vorig jaar voor een landelijke invoering van de Nutri-score in Nederland na positieve ervaringen van zusterbedrijf Delhaize in België. “Sinds de afschaffing van het Vinkje mist een helder voedselkeuzelogo waarmee klanten worden geholpen als ze bij het schap staan”, vertelt Anita Scholte op Reimer, hoofd kwaliteit en duurzaamheid.  “Albert Heijn heeft diverse systemen bekeken en is een groot voorstander van de Nutri-score. Dit logo informeert klanten op een gedegen, duidelijke en volledige manier over de nutritionele waarden van het product. Het zou mooi zijn als dit logo wordt omarmd door de overheid, het bedrijfsleven en andere betrokken partijen.”

 

Hema lanceert groente hotdog

Hema Groentehotdog

Hema lanceert de groente hotdog. De hotdog is 100 procent plantaardig en bestaat uit negen soorten groente met zichtbare stukjes paprika, wortel en aubergine. De snack wordt ambachtelijk gemaakt, natuurlijk gerookt en bevat geen onnatuurlijke geur-, kleur- en smaakstoffen. Ook saus en broodje zijn vegan.

De groente hotdog is verkrijgbaar in de volgende Hema-filialen: Centraal Station Utrecht, Amsterdam Zuid WTC, Amsterdam Nieuwendijk, Eindhoven Centrum, Groningen Paddepoel, Almere Stad, Amsterdam Osdorp, Harderwijk, Nijmegen centrum, Maassluis. Binnenkort is de groente hotdog in meer filialen beschikbaar.

Hema zet met het groenteproduct een belangrijke stap in de trend om lekkere en duurzamere alternatieven te bieden voor vlees Het product is ontwikkeld door 2-Michelinsterren chef Moshik Roth van groente-innovator &samhoud food..

 Meer groente eten

 “Wij willen mensen inspireren om meer groente te eten en vinden het een eer om voor Hema een nieuwe icoon te ontwikkelen. De doelstelling was niet om een imitatie te maken van de huidige vleesvariant, maar om een lekker alternatief te ontwikkelen van groente”, aldus Moshik.

Eten van de toekomst

 Hema groentehotdog-uitgesneden

Steeds meer mensen hebben behoefte aan een gezonder en duurzamer leven.  Ook is er een toenemende vraag naar vegetarische producten. Daarom kijkt Hema naar alternatieven zoals de hotdog. De formule wil graag de eerste winkelketen zijn die duurzaamheid betaalbaar maakt voor iedereen in Nederland. &samhoud food verwacht dat meerdere merken deze trend gaan volgen.

 

Telers leveren eigen aardappel voor friettenten Pieperz

 Tiger Pieperz gaat ook naar retail en horeca

Pieperz _VDV1663 

De friettenten van Pieperz serveren nu bijna een jaar ambachtelijke versgebakken friet in de schil van een eigen aardappelras. De formule betrok van veredelaar HZPC vorig jaar het ras Tiger en zette een eigen keten op voor de verse friet. Nu die keten staat lonken de schappen van de supermarkt en de horecafrituur.

Telers Dirk Beuling in Emmeloord en Ralph Kunz van Agrarhandel Kunz in Eich in de Pfalz gaan het nieuwe seizoen van de frietaardappelen veelbelovend in. “De aardappels zitten in de grond en de start lijkt goed. We zijn in Duitsland iets later dan we hoopten voor de vroege aardappels omdat het niet warm genoeg is en er veel regen is gevallen. Vorig jaar hadden we, ondanks de droogte, een prima opbrengst en goede sortering omdat het areaal onder beregening lag”, aldus Frank van der Geest, buitendienstmedewerker bij pootaardappelhandel HZPC.

Over de verwachtingen voor de opbrengst van dit jaar valt nog weinig te zeggen omdat het nog vroeg in het seizoen is. Aangezien de arealen weer onder beregening zijn gepoot wordt er meer verwacht dan de oogst van 2018, namelijk 50 ton per hectare van de geschikte sortering en een gemiddelde lengte van 100 mm.

De eerste hectares aardappels werden vorig jaar voor het eerste seizoen speciaal voor Pieperz geteeld op 8 hectare kleigrond bij teler Ko en Johan Scholtens in Marknesse en eveneens op bijna 8 hectare bij Dirk Beuling in Emmeloord. De eerste oogst was veelbelovend: de teelt van de Tiger consumptieaardappelen vond plaats in mooie gele klei en kende een goede opbrengst, ondanks de warme en droge zomer. De Tiger aardappel is bovendien heel lang in het seizoen beschikbaar – tot komende zomer.

Pfalz: vroeg teeltgebied

Werd er vorig jaar in Nederlandse polders gepoot, dit tweede seizoen ging ook in een teeltgebied over de grens van start. Zo is bij Dirk Beuling in Emmeloord opnieuw bijna 8 hectare Tiger Pieperz gepoot en ligt er nu bij collega-akkerbouwer Ralf Kunz van Agrarhandel Kunz in Eich in de Pfalz een perceel van 2,5 hectare.

Beuling heeft al langer ervaring met het ras. “Ik ben nu voor het derde jaar bezig met Tiger, het eerste jaar nog op enkele hectare”, vertelt de contractteler bij HZPC. “De ervaringen met Tiger zijn goed. En het is een mooi ander ras erbij, naast de Agria’s en Alverstone die ik teelt”. Over prijsafspraken en terugverdientijd laat hij zich niet uit.

Waarom nu in 2019 weer deze akkerbouwer en waarom een in Duitsland? “Beuling is een van de eerste telers die consumptieaardappelen van het ras Tiger heeft geteeld. Verder hebben wij Beuling ook ieder jaar voor ons Processing rassen demoveld”, verklaart sales key accountmanager Andrik Waalkens van HZPC.

“Kunz in de Pflaz is toegevoegd om dit jaar ook wat vroeger reeds Tiger consumptie-aardappelen beschikbaar te hebben voor Pieperz. De Pfalz is een vroeg teeltgebied. Zodoende hebben we snel weer nieuwe Tigers beschikbaar”.

De twee telers hebben hun teelten en teeltplan door de samenwerking met Pieperz niet hoeven aan te passen. Waalkens: “Wel is goede grond met beregeningsmogelijkheden belangrijk voor de samenwerking”.

Samen met Nedator en Oliehoorn

Tiger Pieperz is het resultaat van een project, opgezet met HZPC, groothandel Nedato en sausleverancier Oliehoorn. Met HZPC zijn rassen getest op smaak en er werden nieuwe rassen uitgeprobeerd. Waarom kwamen de partijen vorig jaar op Tiger uit? “We hebben destijds veel rassen en nog in ontwikkeling zijnde rassen in verschillende olie getest. Uiteindelijk bepaalt de consument en die vond uiteindelijk de Pieperz Tiger aardappel het lekkerste gebakken in Green-label olie van Oliehoorn”, vertellen Frank van der Geest en Pieperz-directeur Ton Verhoeven.

Pieperz _VDV9331  (foto’s: Pieperz) 

“We zijn met Pieperz begonnen om te proberen de lekkerste frieten te bakken en zijn op zoek gegaan naar bedrijven die ons daarbij zouden kunnen helpen. We kwamen erachter dat HZPC ontwikkelaar is van de aardappelrassen voor onder andere McDonalds en Lay’s en hebben hen gevraagd wat van belang is voor een lekker frietje, aldus Verhoeven over de aanloop naar de samenwerking. Een groot gedeelte van de smaak betreft de aardappel, maar ook de olie is van groot belang. “Derhalve kwamen we uit bij Oliehoorn. Zowel HZPC als Oliehoorn vonden het een leuke oefening om dit mee uit te zoeken”.

Het ras Tiger Pieperz met zijn goede drogestofgehalte en prima smaak heeft geschikte eigenschappen voor de friet. De aardappel heeft een grove sortering om lange frieten te krijgen. Om voor de frieten knapperig van buiten en romig van binnen te blijven is een gelijkmatige droge stofverdeling van groot belang.

Herkenbaar voor consument

 Oorspronkelijk begon HZPC met Pieperz met een ander ras, Challenger, “maar we wilden voor Pieperz ook graag een herkenbaar ras voor de consument. De Pieperz Tiger aardappel heeft een herkenbare schil met tijgermotief, vandaar de naam Pieperz Tiger”, aldus Verhoeven. “Het gaat bij een goed frietje om de juiste eigenschappen van de aardappel of zoals Jamie Oliver het na het proeven van ons product aangaf: “crunchy from the outside en creamy from the inside”ofwelromig aan de binnenkant en krokant aan de buitenkant”.

“Naast raseigenschappen is het telen en verwerken van de aardappels van groot belang. De gronden van de voormalige zeebodem in de Flevopolder zijn daarvoor uitermate geschikt. De uniforme bodem en kleigrond maakt de aardappelen beter bewaarbaar. Kleigronden geven de aardappelen meer inhoud en body. Daardoor zijn ze wat sterker en langer te bewaren.

“In Nedato hebben we een partner voor opslag, wassen en verpakken van de aardappels. Worden ze te hard gewassen dan beschadigen ze en gaat de bakkwaliteit achteruit. Zijn ze niet goed genoeg gewassen dan zorgt dat voor werk bij Pieperz zelf en daar zitten we ook niet op te wachten”, weet Verhoeven.

Naar commercieel

Er is een speciale aardappel voor Pieperz ontwikkeld. Dit is een proces van jaren. Op welke wijze wordt dit terugverdiend? “We zijn vroegtijdig aangehaakt bij een in onze ogen superster voor de toekomst. Het ras zal uiteindelijk commercieel ook voor fabrieken mogelijk een rol van betekenis gaan spelen”, aldus Van der Geest.

 Over het contact met Pieperz en de keten via HZPC en Nedato en prijsafspraken die  zijn gemaakt laat hij weten: “We werken vooral samen om veel van elkaar te leren. De consument staat daarbij centraal. We gunnen elkaar ook een goede prijs. De telers telen tegen een vaste vergoeding of voor een afgesproken prijs, Nedato en Pieperz maken op dezelfde wijze afspraken op basis van voor wat hoort wat. Er vinden geen onderhandelingen plaats. Iedereen berekent wat fair is”.

En wat vinden de telers zelf van de friet? Dirk Beuling: “Het is een frietaardappel met een prima smaak. Dat weet ik omdat ik zelf ook friet bak”.

Verhoeven: “Over smaak valt niet te twisten, maar de telers die wij kennen vinden de frieten heerlijk, zeker met lekkere mayonaise van Oliehoorn. Ze smaken het lekkerst als ze worden gegeten in de friettenten van Pieperz die zijn uitgevoerd in een sfeer die misschien het beste kan worden beschreven als een etalage van het boerenleven met trekkerneuzen, oude aardappelrooiers en lampen gemaakt van aardappelmanden”.

 Niet exclusief

De frietaardappelen eindigen bij de vestigingen van Pieperz als dik gesneden friet met schil in de frituur voordat de klant ervan gaat genieten. Pieperz werkt op deze manier met een korte keten en een nieuw ras, maar dit blijft zoals gezegd niet exclusief voor Pieperz. Tiger Pieperz zal uiteindelijk een commercieel ras worden.

De eigenaar van de Pieperz-frietketen: “Onze exclusiviteit wordt geborgd door de kwaliteitseisen die we stellen en de kwaliteit van de friet die we zelf serveren en leveren aan restaurants. Het gegeven dat een fabriek stappen in het proces heeft zitten waardoor de smaak toch anders wordt dan de door Pieperz vers gesneden en voorgebakken friet geeft ons voldoende comfort. Restaurants en fijnproevers weten dit en waarderen dit ook”, is zijn ervaring.

“Het accent van ons eindproduct ofwel vers gebakken friet in de schil, ligt op de aardappelsmaak en de bereiding in goede frituurolie. En niet alleen de teelt, ook het proces van opslag en wassen – niet te hard, want we verkopen friet in de schil – en afleveren is belangrijk voor de kwaliteit van ons product. Het blijkt wel dat echt verse friet lekkerder is dan verse fabrieksfriet, gezien de tweede plaats waarmee we in de AD Friettest eindigden”.

 

Sterke keten is basis voor uitrol eigen merk

Pieperz-voorman Ton Verhoeven hecht aan de opbouw van een sterke keten door samenwerken. ”We willen samen met de teler produceren voor een goede beschikbaarheid, kwaliteit en fatsoenlijke prijs. Een sterke eigen keten en een eigen merk geven mogelijkheden om het product op meer manieren in de  markt te zetten”.

Pieperz als ambachtelijke frietformule is volop in ontwikkeling. Er zijn nu vestigingen in Veghel, Eerde en Eindhoven. Eind mei opent de vierde  locatie in Oosterhout en eind juni volgt de vijfde in Strijp-S in Eindhoven. Verhoeven wil in de komende jaren naar een uitrol van vijftig locaties. 

Retail en horeca

Maar de formule-eigenaar heeft meer plannen met Pieperz Tiger: een uitrol van het eigen merk. Naast de frituur van de Pieperz locaties lonken ook de schappen van de supermarkt.  “We zijn nu in samenwerking met Nedato bezig om te kijken of we de Pieperz aardappel ook in consumentenverpakking in retail aan de klanten kunnen gaan leveren voor thuisbakkers. Binnenkort kunnen we de voorgebakken Pieperz frieten ook via de Sligro aan restaurants uitleveren.”

Moslim consument zoekt inspiratie in de keuken

Een kwart van de wereldbevolking is moslim. In België is dit 15 procent en in Vlaanderen 10 procent. Deze percentages groeien sterk en marketeers en producenten dienen voldoende oog te hebben voor deze moslimconsument. Dit kwam naar voren tijdens het tweede seminar van VLAM over etnomarketing tijdens de land- en tuinbouwbeurs Agriflanders in Gent. Drie sprekers over de kansen die de moslimconsument biedt voor Belgische –  en Nederlandse – ondernemers.

1.Het diepte-onderzoek ‘De moslimconsument: voedingsgedrag en aankoopgewoonten’ door Lies Vandaele, Research director bij Ipsos.
Om te kunnen inspelen op de onbenutte marktopportuniteiten die de moslimconsument biedt, moeten we de moslimconsument beter leren kennen. Dit doen we door de attitudes, motivaties en barrières ten aanzien van versproducten in kaart te brengen en te onderzoeken hoe we deze doelgroep het best kunnen bereiken. Om inzicht te krijgen in het feitelijke koopgedrag van de moslim voornaamste verantwoordelijke voor aankoop volgden we hem en haar op hun shopping trip. Diepte-interviews gaven inzicht in de houding tegenover voeding in het algemeen en versproducten in het bijzonder.

Welke factoren bepalen de eet- en kookgewoontes?
Hoe moslims omgaan met eten en koken is het resultaat van verschillende invloeden die we kunnen onderbrengen in vier groepen: de stad/omgeving waarin ze leven, de cultuur van het land van herkomst, de religie en de sociaaleconomische situatie.

We zien ook dat hoe beter de sociaaleconomische situatie is, hoe vrijer mensen omgaan met de invloeden en de inspiratie van buitenaf. Het aanbod van de inspiratie wordt dan weer bepaald door de omgeving waarin ze leven.

Het is belangrijk te begrijpen dat religie niet hetzelfde is als culturele afkomst. Bij religie gaat het om regulerende principes die meegegeven worden vanuit de islam, maar ook de strekking waartoe ze behoren en de persoonlijke manier waarmee ze met deze regels omgaan. Bij de culturele afkomst gaat het over familietradities, smaken en voorkeuren die gelinkt zijn aan de streek/het land waar ze vandaan komen.

Evolutie naar hybride eetcultuur

De traditionele eetcultuur van Turkse en Marokkaanse Belgen evolueert naar een hybride eetcultuur, een mix van elementen uit het land van herkomst met elementen uit de West-Europese voedingscultuur. Vooral door de week komen ze tot een eetpatroon dat ‘Vlaams’ gestructureerd is. In het weekend wordt er traditioneler gekookt en wordt meer tijd genomen om samen te eten.

 

Moslim cons vers ass

Moslimconsumenten doen moeite om vers te kopen. Het is de manier om naasten gezond te voeden en liefde te tonen.

Prijs, versheid en hoeveelheid zijn belangrijk

Er wordt moeite gedaan om ‘vers’ te kopen en te eten. Het is de manier om je naasten gezond te voeden en je liefde te tonen. Voorraad (genoeg in huis hebben) blijft ook belangrijk. Er moet altijd voldoende voorraad zijn om te kunnen koken voor iedereen die in huis is of op bezoek is.
De moslim is prijsgevoelig en maakt daarnaast vooral een afweging tussen vertrouwde smaak en kleur enerzijds en de mogelijkheid om te bewaren anderzijds. Er wordt vaak in grote hoeveelheden gekocht.

De afkomst van de producten speelt mee bij de aankoopbeslissing. Hierdoor heeft lokaal wel een betekenis, zij het impliciet. Er is vooral openheid voor lokaal aankopen als het gaat over producten die typisch Belgisch zijn of hier goed kunnen groeien en ook over het gevoel dat het van de boer komt, dat je dat kunt zien, voelen en ruiken.
‘Bio’ is dan weer geen garantie die moslims voor waar aannemen; er is zelfs argwaan tegenover het biolabel. De Marokkaanse en Turkse consumenten vinden bioproducten eigenlijk te duur. Versheid is voor hen een veel belangrijker aankoopcriterium dan milieubewust. Bewust seizoensgebonden kopen doen ze zelden. Ze gaan er van uit dat alle producten het hele jaar door beschikbaar zijn en willen ze ook altijd kunnen kopen.

Religie en kookkunst

De voedselconsumptie vertoont pieken rondom belangrijke religieuze rituelen, zoals de ramadan. De tradities vervagen, maar de voorkeur voor verse producten en het aanleggen van een ‘strategische’ voorraad blijven. De moslimeetcultuur is iets traditioneler.

Uitgebreid voorbereiden van de maaltijd maakt deel uit van de cultuur. Gemak wordt dikwijls gehaald door het invriezen van restanten en maaltijdcomponenten die men later kan gebruiken. Verder is men erg zintuiglijk ingesteld: niet alleen de smaak maar ook de kleur en de geur die een groente of fruit aan een gerecht kan toevoegen, zijn erg belangrijk.

Halal of religie is vooral van belang voor vlees en kaas, yoghurt en heeft veel te maken met vertrouwen. Halal aankopen gebeurt vooral bij de slager en in de etnische winkel. Voor een aantal is een halalaanbod in de supermarkt zeker te vertrouwen. Dit vertrouwen moet echter nog groeien. Dit kan enerzijds door een verdere stijging van de reputatie van het (huis)merk en door een grotere aftrek van deze producten door andere moslims. Bij kaas en yoghurt is duidelijke productinformatie van belang en bepaalde apps helpen in de zoektocht naar de juiste producten.

Colruyt Laagste prijzen en Lidl favoriete winkels

Versheid, hygiëne en prijs bepalen vooral de keuze voor de winkel. De moslimklant is prijsgevoelig en kiest daarom voor winkels die een lageprijspolitiek hanteren. Supermarkten worden bovendien als hygiënisch gezien. In Belgie zijn Colruyt en Lidl daarom de favoriete winkels: er is een ruim aanbod en het is er netjes. Naast de droge voeding worden hier ook verse producten als kaas, fruit en groenten gekocht.

2. Hoe kan retail inspelen op de behoeften van de moslim?
De multiculturaliteit bij Colruyt Laagste prijzen werd belicht door Marieke Myngheer, Productgroepmanager van Colruyt. Zij neemt ons mee in de multiculturele veranderingen voor de Colruytklant.

Dierlijke bestanddelen in veel producten, onduidelijke (halal)definities, lange lijsten van E-nummers en de eigen voorkeuren stellen de moslimklant voor keuzeproblemen. Hoe vindt de moslimconsument zijn weg in de winkel?

Colruyt geeft met ‘etnoproof’ een oplossing voor klanten met verschillende levenswijzen. Met duidelijke iconen voor vegetarische, veganistische en alcoholvrije producten zorgt ‘etnoproof’ voor eenvoudige oplossingen en goede vindbaarheid. De app Mycolruyt is een handig instrument om de keuze voor de multiculturele klant te vergemakkelijken en komt hiermee tegemoet aan het keuzeprobleem van de moslimconsument.

In het profiel van MyColruyt-app geeft de klant zijn favoriete voorkeur en/of levensstijl aan. Hij vinkt aan of hij graag glutenvrij, lactosevrij, vegetarisch, veganistisch, alcoholvrij en/of halal wil eten, en via een groene duim bij de producten weet de klant meteen of deze geschikt zijn en voldoen aan zijn keuze. Deze iconen zijn binnenkort ook terug te vinden op de huismerken van Colruyt. De klant hoeft dan niet meer ellenlange ingrediëntenlijsten  te lezen, maar ziet in één oogopslag of het product aansluit bij de gekozen voorkeur. Colruyt zet ook in op herkenning en lanceerde een 40-tal specifieke producten voor de moslimconsument. Dit productassortiment gaat van couscous over thee tot verse kazen.

3. Hoe pak je de nieuwe consument aan?
De moslimconsument biedt een enorm potentieel. Dat vertelde Rachid Lamrabat van het etno- communicatie- en marketingbureau, Tiqah. De moslimgemeenschap vertegenwoordigt 15% van de Belgische bevolking en groeit continu. Dit komt hoofdzakelijk doordat de moslimgemeenschap een jonger leeftijd (29 jaar) heeft ten opzichte van niet-moslims (32 jaar). Door deze jongere leeftijd hebben moslims gemiddeld meer kinderen (3,1) dan de autochtone bevolking (1,9). De Belgische moslimgemeenschap bestaat hoofdzakelijk uit Marokkanen (46 %) en Turken (26 %). Ook mensen met een Arabische, Pakistaanse, West-Afrikaanse achtergrond zijn een groeiende groep.

De islam is een ‘way of life’. Het geeft de mens vrede in het hart. Het is een remedie voor negatieve emoties zoals jaloezie, verdriet en woede. Het begeleidt de moslim in het alledaagse leven en de islam maakt deel uit van de identiteit. In essentie betekent moslim zijn in België het volgende: harmonieus leven in synergie met zichzelf en de anderen rondom zich.

De islamitische identiteit kan gedefinieerd worden aan de hand van het winkelkarretje. Geen alcohol, geen producten op basis van varkensvlees, geen additieven van dierlijke oorsprong en geen naakte figuren op verpakkingen. Enkel producten die voldoen aan de halalregels.
De moslim zit vaak gevangen tussen twee culturen en heeft het gevoel niet aanzien te worden als volwaardig lid van beide culturen. Er is een sterke focus op familie. Beschermend en reactief jegens potentiële bedreigingen tegenover de familie in het algemeen en de kinderen in het bijzonder.
Lamrabats betoog was er een van wederzijdse kennis en vertrouwen. Het opbouwen van ‘trust’ is essentieel om moslims te benaderen. Om vertrouwen op te bouwen moet men elkaar eerst leren kennen. Als marketeer volstaat het niet om enkel de verpakking of de communicatie aan te passen naar deze doelgroep. Je moet de moslimconsument leren begrijpen en aangepaste producten voor hem ontwikkelen.

Gemak is een belangrijke trend voor de moslimgemeenschap. Het zijn vooral de moslims van de derde generatie in België die gemaksproducten kopen en naar de supermarkt gaan. Hun grootouders kopen nog het liefst rechtstreeks bij de boer. De vertrouwensrelatie tussen hen en de boer is essentieel en overstijgt het halallabel.

Communicatie moet inspireren

Communicatie naar de moslimconsument moet inspireren: nieuwe dingen leren kennen, gerechten tonen en tips geven. Maar het is niet nodig om producten in traditionele Turkse of Marokkaanse gerechten te plaatsen. Ze staan open voor de Vlaamse cultuur.
Communicatie moet niet integreren of assimileren: de diversiteit in de doelgroep is groot. Dus als je de ene aanspreekt, kan het voor de ander als ‘niet voor mij’ gezien worden. Omdat eten zo belangrijk is, is deze groep ook via vele kanalen te bereiken, zowel push als pull en zowel online als offline.

Tot 24 jaar oud koopt bijna de helft van de Nederlanders op basis van prijs

Eenderde van de Nederlanders in de supermarkt koopt op basis van prijs. Volwassenen tot 24 jaar oud kiezen in bijna de helft van de gevallen in de supermarkt voor het goedkoopste product. Dit zijn enkele resultaten uit een onderzoek van onderzoeksbureau Multiscope, in opdracht van productiebedrijf Chan’s uit Alphen aan den Rijn.

ChansBV Winooht Raghoober 2674-1728f2a059cba0bee5b71a8646931ff7

 

Directeur van Chan’s, Winooht Raghoober, is verbijsterd over de resultaten: “Er is in de wereld van eten en drinken een hoop rommel te verkrijgen. Producten waar meel en water aan zijn toegevoegd om de kosten te drukken, bijvoorbeeld. Kiezen op basis van prijs is hierin een slechte raadgever.” Chan’s is een A-merk en bedient onder andere groothandels en supermarktketens met onversneden en authentieke producten.

Noord-Nederland gaat voor zo goedkoop mogelijk
Uit onderzoek blijkt dat vooral in Noord-Nederland (provincies Groningen, Friesland en Drenthe) ervoor wordt gekozen om voor de allerlaagste prijs te gaan. Na de eerste selectie op prijs kiest een kwart van de Nederlanders voor een product op basis van smaak. De groep van 35 tot 44 jaar oud is hierin het grootst.

Het andere kwart van de consumenten kiest op basis van kwaliteit. Hoe ouder de Nederlander, hoe groter het percentage dat voor kwaliteit kiest. Internationaal productiebedrijf Chan’s importeert en exporteert al tientallen jaren levensmiddelen vanuit allerlei landen. Nieuwe leveranciers worden getoetst op hun voedselveiligheidsplan, betrouwbaarheid en authenticiteit. Om er zeker van te zijn dat de kwaliteit van het geïmporteerde levensmiddel zo hoog is als wordt beweerd, schakelt Chan’s voor elke container die in Nederland aankomt laboratoriums in.

Vrouwen kiezen twee keer zo vaak voor duurzaam als mannen
Een klein gedeelte van Nederland kiest voor duurzaamheid. Het aantal vrouwen is tweemaal zo groot als het aantal mannen dat kiest voor de duurzaamheid van het product. Inwoners van de 3 grote gemeenten van Nederland kiezen tot 3 keer vaker voor duurzame producten, in vergelijking met de rest van Nederland. Slechts 1 op de 15 Nederlanders kiest voor biologische producten.

Chan’s directeur Winooht Raghoober verbaast dat niets: “Mensen worden steeds wereldwijzer, reizen meer en weten wat elders te koop is.” De ondernemer, die eerder werd bekroond als Alphens Ondernemer van het Jaar, werd geëerd voor de werkwijze van het bedrijf, dat kiest voor kwaliteit en voor recyclebare materialen. Daarnaast bezoekt Winooht Raghoober met regelmaat de leveranciers van de grondstoffen in onder andere Brazilië en China.

Chan’s: internationaal productie- en import- en exportbedrijf van levensmiddelen. Eerder dit jaar kwamen zij in het nieuws door de zoektocht naar Syrisch personeel, die meer dan 1500 reacties opleverde. Meer informatie: https://chansbv.nl/.

 

Het Vinkje mag niet meer, pleidooi voor Nutri-Score

 

Tekst: Ria Besseling

Voedingswaardelabels: trekt ieder land zijn eigen plan?

Europese foodfabrikanten zijn nu bijna twee jaar verplicht om de voedingswaarde op het etiket van voedingsproducten te vermelden. Deze etikettering betekent een mooie stap vooruit naar een uniforme Europese regelgeving. Maar qua vorm van het label en eventuele logo’s trekken diverse landen hun eigen plan. Gaat Nederland met Nutri-score de Fransen en Belgen achterna?

Nutri-Score 30739332_1197247207073121_2009777964174016512_o

Wat gaat Nederland nu doen? De voedingsindustrie gebruikte het Vinkje, maar dat mag dus binnenkort officieel niet meer op producten staan. Het wachten is op een besluit van VWS of er een ander logo moet komen. “Op dit moment zijn producenten die het vinkje gebruikten het logo aan het uitfaseren”, zegt het FNLI in een reactie. “Daarmee is er in Nederland geen voorkeursysteem meer voor additionele informatie over voedingswaarden. Omdat de meeste systemen genotificeerd moeten worden door de Nederlandse overheid bij de Europese Commissie in Brussel is VWS aan het onderzoeken wat de mogelijkheden zijn. Wij vinden verder onderzoek verstandig, omdat er nog onduidelijkheid is over wat consumenten het beste zou helpen en welk systeem het meeste draagvlak heeft in Nederland.”

Foodwatch heeft een oproep staatssecretaris Blokhuis van VWS gedaan om snel tot een standpunt over een nieuw onafhankelijk voedingslabel te komen dat het Vinkje op voedseletiketten moet vervangen.
De voedselwaakhond vindt Nutri-score – naast het Britse verkeerslichtsysteem – een goede kandidaat, mits het aan fabrikanten wordt opgelegd om op al hun voedseletiketten te vermelden.

De Consumentenbond is blij dat het Vinkje op voedselverpakkingen verdwijnt, maar wil dat er snel een alternatief komt. Consumenten hebben behoefte aan een logo dat gezonde keuzes makkelijker maakt, zo blijkt. De Consumentenbond legde ruim 1600 consumenten vier keer twee ontbijtgranen voor. Op het oog vergelijkbare producten, zijn niet altijd even gezond. Consumenten kozen vaker voor het gezondere product wanneer het Franse Nutri-Score logo of het Britse Verkeerslichtensysteem op de verpakkingen stond.  Zo’n 62 procent van de ondervraagde consumenten denkt met een voedselkeuze logo op de voorkant van verpakkingen  gemakkelijker een keuze te kunnen maken. Consumenten hebben bij een nieuw logo voorkeur voor kleurcodes. Zij willen ook dat een nieuw logo op gezonde en ongezonde producten staat  en dat het onafhankelijk van het bedrijfsleven ontwikkeld wordt.

Voedingswaardelogo’s, Europees of per land?

En wat doen andere landen  met voedingswaardelogo’s? In diverse landen verschijnen eigen logo’s en labels voor nutritioneel etiketteren van de hoeveelheid calorieën, vetten, verzadigde vetten, koolhydraten, suikers, proteïnen en zout. Terwijl een erkend en betrouwbaar Europees voedingswaardelabel eigenlijk beter past in een uniforme markt. Gaat ieder land het anders doen? In Nederland hanteerden we lange tijd het Ik Kies Bewust-logo, beter bekend als het Vinkje, maar dat mogen fabrikanten vanaf oktober niet meer op producten zetten. Nu gaan er stemmen op om het kleurensysteem van Nutri-Score in te voeren. Dit label geeft met een letter en een kleur, gemeten naar de hoeveelheden voedingsstoffen en ingrediënten, een beeld hoe gezond of ongezond een product is. De consument kan een product met dit logo snel en eenvoudig bestempelen tot gezond of minder gezond.

 

Heldere boodschap

 

Het Voedingscentrum heeft geen voorkeur voor de vorm van het logo. “Elk logo heeft voor- en nadelen die goed bestudeerd moeten worden. Om naar consumenten een heldere boodschap te communiceren, is het belangrijk dat alle producenten en winkels meedoen, de consument begrijpt wat het logo betekent, het logo de consument aanspreekt en het voor de consument duidelijk is dat voedingsmiddelen uit de Schijf van Vijf de meeste gezonde keuze zijn. Deze randvoorwaarden zijn ook belangrijk om te voorkomen dat consumenten minder vertrouwen in het etiket krijgen”, aldus Wieke van der Vossen, expert voedselveiligheid en etikettering van het Voedingscentrum.

Over de invloed van verschillende etikettering of gebruik van een logo door bedrijven die produceren voor verschillende Europese landen is de expert van het Voedingscentrum duidelijk: “De etiketten met voedingswaardes zijn in verschillende landen nu al anders, bijvoorbeeld alleen al in de taal. Dit zou volgens ons geen belemmering hoeven te zijn omdat bedrijven hier nu al op ingesteld zijn.”

 

In Europa is het dus verplicht om de voedingswaarde op het etiket te vermelden zoals aangegeven in de wet Voedselinformatie (Vo. 1169/2011). Maar binnen deze wetgeving is het gebruik van een logo niet verder uitgewerkt. Als het om logo’s gaat zijn er twee Europese wetten van belang: de wet Voedselinformatie en de Claimswetgeving (Vo. 1924/2006). “Er is verder niet in deze wetten vastgelegd welke logo’s gebruikt mogen worden en hoe dit is geregeld. Wel zijn er bijkomende eisen. De EU-commissie heeft bij het systeem Nutri-Score aangetekend dat de groene A-score eigenlijk een claim is die bij de commissie moet worden meegedeeld voor gebruik in het land.” De kanttekening houdt in dat een land moet melden wanneer het die groene A-score als claim voor gezonde producten gaat gebruiken.

 
 

Nutri-Score: twijfels in België

 

Zijn wij in Nederland in afwachting van een logo na het Vinkje, de Belgen besloten onlangs om Nutri-Score in te voeren. Supermarkten in Belgie introduceren Nutri-Score nu in de winkels. Delhaize vermeldt het label de komende jaren op steeds meer huismerkproducten en klanten van Colruyt-formules kunnen met de SmartWithFood-app de Nutri-Score van producten nagaan.

Voedingswaarde etikettering 27303 Bami goreng Boni Selection

Bami goreng, een van de eerste Boni Selection-producten met Nutri-Score label die Colruyt in de schappen brengt. (Beeld: Colruyt)

 

Toch weifelt de Belgische voedingsindustrie. Belgische foodfabrikanten geven de voorkeur aan Europese wetgeving. Als ieder land op eigen houtje te werk gaat, wordt exporteren mogelijk moeizaam. Verder bestaat de kans dat fabrikanten van ongezonde producten consumenten niet waarschuwen voor grote hoeveelheden suiker, vet en zout in hun producten. Waardoor het label minder betrouwbaar wordt voor consumenten.

Toch besloot de Belgische minister van Volksgezondheid Maggie De Block deze zomer om Nutri-Score in te voeren. Voedingsbedrijven bepalen weliswaar vrijwillig of ze het label gebruiken, maar het ministerie verwacht dat de Belgische industrie hiervoor kiest.

 

Naar Frans voorbeeld

 

België volgt met de introductie van Nutri-Score Frankrijk dat er sinds vorig jaar mee werkt en het systeem verder heeft ontwikkeld. Nutri-Score is gebaseerd op het verkeerslichtensysteem Traffic Light dat de Britse gezondheidsdienst FSA in 2007 al ontwikkelde. Dit label laat vier aparte kleuren zien voor de ingrediënten vet, verzadigd vet, suiker, zout.

Nutri-score 1

Ook de Fransen beschouwen de Europese regels over consumenteninformatie voor voedingsmiddelen als wettelijke basis. Deze bepalen onder meer dat landen eigen systemen kunnen invoeren zolang deze vrijwillig blijven. Maar dat geldt dus alleen voor producten die in het land zelf op de markt komen. En zo zien de Fransen dat ook met Nutri-Score. Toch zijn grote internationale merkfabrikanten als Bonduelle en Danone gestart met het systeem. Andere internationale concerns als Unilever, Mondelȇz, Nestlé, PepsiCo en Coca-Cola zien daarentegen niets in het label. Zij onderzoeken in een bredere EU-context of Evolved Nutrition Label initiatief ofwel vermelding van voedingswaarden op basis van kleuren en porties, consumenten zou kunnen helpen bij het maken van gezondere keuzes.

 

Logo alleen niet genoeg voor gezonder kiezen

Het Voedingscentrum geeft aan dat een voedselkeuzelogo alleen niet genoeg is om mensen gezonder te laten kiezen. “Het is een middel om mensen te laten zien wat gezondere producten zijn. Maar het is niet wetenschappelijk aangetoond dat voedselkeuzelogo’s ervoor zorgen dat mensen vaker voor gezondere producten kiezen. Een voedselkeuzelogo kan daarom onderdeel zijn van een integrale aanpak, maar er is meer nodig om mensen gezonder te laten kiezen”, aldus Van der Vossen.

Ook het instituut anses (agence Française de sécurité sanitaire de l’alimentation) onderzocht de impact van de keuzes die consumenten maakten en oordeelde dat op basis van de huidige kennis niet kan worden aangetoond dat dergelijke systemen ook invloed hebben op de volksgezondheid.

 

Viswinkelier communiceert nog nauwelijks over duurzame vis

Viswinkel Peter Tol 4 13122984_585482258278229_6710870528960039516_o

Viswinkeliers communiceren nog nauwelijks over duurzame vis. Informeren over duurzame vis kost extra inspanningen en geld. Een deel van de visdetaillisten meent dat hun klanten niet geïnteresseerd zijn in duurzame vis. Dit komt naar voren uit het rapport Communicatie over duurzame vis in de visdetailhandel van de Good Fish Foundation en de Wetenschapswinkel van Wageningen University & Research.

De diversiteit onder visdetaillisten is groot. De bedrijfstypen, maar ook de verkooplocatie en de klantenkring zijn van invloed op de samenstelling van het verkochte assortiment en ook op de communicatie. Visdetaillisten communiceren de naam en prijs van de vis op het label bij de vis in de toonbank. Het label is echter te klein voor het opnemen van extra informatie. Duurzaamheidsinformatie over herkomst, vangsttechniek en seizoen wordt mondeling, maar ook via posters en beeldschermen aan de klant gegeven.

Consumenten gaan volgens visdetaillisten naar een viswinkel vanwege kwaliteit, versheid en het persoonlijke contact. Enkele visdetaillisten geven aan dat zij het verhaal bij de duurzame vis aan hun klanten vertellen. De ervaring is dat dit het bewustzijn vergroot waardoor deze klanten geneigd zijn om vaker duurzame vis te kopen.

Viwinkeliers kopen hun product vers, gerookt of bewerkt in, vaak van meerdere gespecialiseerde leveranciers. Ze geven aan dat het geen probleem is om van deze leveranciers de gewenste informatie over duurzaamheid weer van hun toeleveranciers krijgen. Aandachtspunt is dan ook vooral of de doorstroming van deze informatie naar de detailhandel uniformer kan worden. Uit het onderzoek blijkt vooral dat er voor visdetaillisten nog een flinke uitdaging ligt om hun klanten te informeren over duurzaamheid.

Oudere berichten »

 

  Kennis- en innovatieplatform voor de agrifoodketen ©2019 Ria Besseling