Agrifoodclicks

Ruud Zanders, Kipster: reststromen voor humaan omzetten in dierlijke eiwitten

 

Kipster 132081639_3270562713047549_5004504202097799356_n

 

 

Het is de kunst om reststromen die naar humaan gaan om te zetten in dierlijke eiwitten. Dit zei Ruud Zanders, founding

partner bij Kipster, tijdens het online event dat Lidl hield over haar traject naar verspillingsvrij in het kader van de landelijke

Verspillingsvrije Week. 

 

Lidl_Rondetafel

 

Lidl is een samenwerking met Wageningen University en Kipster gestart om te onderzoeken hoe de supermarktketen in de

toekomst volledig verspillingsvrij kan worden.

 

 

Kippen voeren met reststromen

 

De supermarktketen verkoopt sinds een aantal jaren Kipster eieren die worden gevoerd met reststromen als brood en pasta die normaal

weggegooid zouden worden. Ruud Zanders, founding partner bij Kipster, legt uit dat de kippen genoeg ruimte hebben, zodat ze in daglicht kunnen

lopen. “Dat komt uiteindelijk de kwaliteit van de eieren ten goede”, stelt hij. “Onze kippen hebben een binnen- en buitentuin, zodat ze zich

natuurlijk kunnen bewegen. Ook is er een groot nachtverblijf. Wij komen met dit concept terug bij ons pap en mam, die vroeger een gemengd

bedrijf hadden. De varkens aten alle restjes op, en kregen geen sojavoer. Op basis hiervan hebben wij nu ook veevoer ontwikkeld uit reststromen,

samen met Nijsen.”

Doordat de kippen gevoerd worden met reststromen, is de footprint 15 procent lager dan bij een kip die ‘gewoon’ veevoer krijgt. “Het is wel een

uitdaging om zoveel mogelijk zoutarme producten te verwerken als reststroom. De kip gedijt goed op zoutarme voeding, en dat is met veel

producten lastig. Ze bevatten vaak te veel zout. Een kip zet reststromen veel efficiënter om dan een varken.”

 

Kipster 132081639_3270562713047549_5004504202097799356_n

 

 

 

 

Toine Timmermans, directeur van Stichting Samen Tegen Voedselverspilling, geeft aan dat de wetgeving ook vaak een beperkende factor is

in de discussie over reststromen. “Nu mag alleen plantaardige voeding worden gebruikt voor reststromen. Dat betekent dat deze reststromen

gescheiden moeten blijven, wat enorme consequenties heeft voor de gehele keten. De discussie hierover blijven we voeren met de betrokken

partijen.”

 

 Lidl Foodwaste

 

Lidl zet stappen naar verspillingsvrij

 

 

Na de landelijke uitrol van Verspil Mij Niet vorig jaar, heeft de supermarkt  8,5 miljoen Verspil-Me-Nietjes – artikelen die op de laatste dag van hun

houdbaarheid worden aangeboden voor 25 of 50 cent – verkocht en 700.000 Too Good To Go-boxen. Toch blijft er nog altijd voedsel over dat niet

meer geschikt is voor menselijke consumptie.In de samenwerking met TGTG gaan de partijen onder meer onderzoeken hoe voedsel dat momenteel

overblijft nog een goede bestemming kan krijgen.

 

Quirine de Weerd, hoofd Corporate Social Responsibility & Relations bij Lidl: “Wij hebben vorig jaar een praktische oplossing geboden voor

een groot maatschappelijk probleem, de landelijke introductie van ons concept Verspil Mij Niet. Het concept heeft de verspilling van voedsel in

onze organisatie drastisch teruggedrongen, onze klanten verrast met goede artikelen voor een hele lage prijs én onze medewerkers zijn blij dat ze

minder hoeven weg te gooien.Maar onze ambitie gaat verder. In de toekomst willen we totaal verspillingsvrij zijn en samen met Wageningen

University en Kipster gaan we onderzoeken of we het vergisten van eten kunnen vermijden en het voedsel een betere bestemming kunnen geven.”

 

Naar kringlooplandbouw

 

Ongeveer 70 procent van de uitstoot van dieren komt van het voedsel dat zij eten. Door de voeding van dieren te veranderen kunnen we dit

percentage significant terugdringen. Imke de Boer, Wageningen University: “Dieren kunnen een belangrijke bijdrage leveren aan een gezond

enduurzaam voedselsysteem. Zo zijn varkens en kippen heel geschikt om voedsel reststromen die niet meer geschikt zijn voor menselijke

consumptie te verwerken. Dit voorkomt voedselverspilling en goede landbouwgronden hoeven niet gebruikt te worden om voer voor dieren op te

verbouwen.

Voor het Kipster-ei worden de dieren volledig gevoerd op reststromen. Met de samenwerking tussen Wageningen University, Kipster en Lidl

berekenen we hoeveel dieren we zouden kunnen voeren van de reststromen, voedsel dat we niet meer kunnen verkopen, van Lidl. Hiermee zetten

we weer een volgende stap in de richting van kringlooplandbouw”.

 

Smart Potato: slimme aardappel meet groeiseizoe

 
 

 

Smart Potatoe2 Smart Potatoe1 (1)Smart Potatoe1 (1)Smart Potato 3.jpg.jpg-aviary-20170510-094824

 

 

Derk Gesink volgt straks met sensoren de aardappel tijdens de teelt, vanaf het poten tot en met het einde van de bewaring. De akkerbouwer in Mensingeweer weet dan precies hoe gaat met de voortgang in het groeiseizoen. Dit seizoen wordt de waarde van deze sensortechnologie getest.

De Groninger akkerbouwer doet mee aan Smart Potato, een project in het kader van 5Groningen in combinatie met studenten van de Hanzehogeschool. Het volgen van de teelt blijft in de praktijk nog even toekomstmuziek, want dit seizoen wordt de waarde van deze sensortechnologie vooral getest.

“Het project is een mooie kans om technologieën te ontwikkelen voor landbouw waar wij in de toekomst verder mee kunnen. Daarnaast is het erg leuk om studenten te betrekken bij het landbouwbedrijf en ze te leren denken hoe techniek en natuur met elkaar samen te laten werken”, zo ervaart Gesink.

De sensor verzamelt in een proef in een perceel van 9 hectare gegevens als vocht, temperatuur, stikstof en tijdens de opslag CO2. Er wordt tot nu toe gewerkt met één sensor per hectare “om eerst de communicatie voor elkaar te krijgen”.

Geeft dit dan wel een goed beeld? Wat als juist de plek waar de sensor ligt afwijkt ten opzichte van de rest van het perceel? Gesink: “Dat zijn inderdaad allemaal nog vragen die beantwoord moeten worden. Wellicht kunnen bodemkaarten, satellietdata,  drone data of historische opbrengstkaarten worden gebruikt voor het bepalen van de juiste plek”. Ook het ijken van de techniek is een aspect dat nog aan de orde komt. “Zo ver zijn we nog niet, maar dat is vooral een technisch vraagstuk”.

 

Per hectare aardappelen wordt er een exemplaar – uitgevoerd in de vorm van een grote aardappel, eigenlijk een kleine biet – in de grond gepoot. Gesink: “Het is de bedoeling om de sensor in de aardappelrug te plaatsen, dus alleen in aardappelen, maar voor tulpen of andere bollen zou de sensor ook geschikt kunnen zijn”.

De informatie uit de aardappel moet helderheid brengen in de voortgang van de teelt van de tachtig hectare pootaardappelen van het akkerbouwbedrijf van Gesink. De maatschap investeerde al meer in het bedrijfsproces rond aardappelen. Vorig jaar kwam er op het erf een nieuwe bewaarschuur voor de bewaring en sortering van pootaardappelen in bedrijf.

De slimme aardappel is tot nu toe nog niet in de grond geweest, erkent Gesink. “Het is al een hele toer om communicatie tussen de Smart Potato en het netwerk voor elkaar te krijgen omdat de Smart Potato onder de grond zit. Dat is iets waar de betrokken partijen tot nu toe weinig ervaring mee hebben. De studenten hebben al wel een portal opgezet op www.slimmeaardappel.nl waar de data zichtbaar wordt gemaakt”, vertelt Marc Cremers. Hij is projectcoördinator van 5Groningen waar het project van Smart Potato onder valt.

Waarde en optimale vorm testen

Dit seizoen wordt de waarde van deze sensortechnologie getest. “Het gaat om het uitvoeren van proeven met verschillende sensoren en vormgevers gaan uitzoeken wat nu de optimale vorm van de Smart Potato moet worden. Daar zijn al wel goede ideeën over”, weet Cremers.

“Het wordt een compromis, maar de Smart Potato moet wel de vorm van een aardappel hebben. Hij gaat namelijk mee in de pootmachine om te poten en hij wordt ook mee geoogst. Er moet bovendien genoeg ruimte in die slimme aardappel zijn voor de sensoren, batterij en de elektronica voor communicatie. Daarnaast moet de kast ook nog eens goed waterproof zijn. En dat is nog wel een uitdaging”, ziet Derk Gesink.

Gerichter bemesten

Voor hem is informatie over bodemtemperatuur, bodemvocht en beschikbaarheid van stikstof van belang. “Het zou mooi zijn om daar in de toekomst een groeimodel en een ziektemodel aan te koppelen”. Het grootste voordeel van de toepassing en dus de meerwaarde voor de aardappelteelt op zijn bedrijf is dat het gerichter kunnen bemesten uiteindelijk een betere opbrengst en nog betere kwaliteit kunnen opleveren. “Daarnaast is besparing op meststoffen altijd goed”.

En welk nadeel weegt het zwaarst? “Naast meten is weten kost meten ook extra inspanning. Het wordt er allemaal niet eenvoudiger op. De extra tijd die nodig is moet wel opwegen tegen de opbrengst en kwaliteitsverhoging”, stelt hij nuchter vast.

Om te meten wat er boven de grond op het aardappelveld gebeurt zoals loofontwikkeling en insectenvraat is een groep studenten bezig om een bladnat sensor te maken. Dit moet boven de grond gebeuren. Een idee is om deze opstelling ook te gebruiken als antenne voor de communicatie met de Smart Potato onder de grond, vertelt de landbouwer die de sensor in ruil voor het beschikbaar stellen van de locatie mag gebruiken.

Weerstation voor gerichter bestrijden

Vorig jaar zomer werd er voor de 5G-pilot Smart Potato van 5Groningen al een weerstation geplaatst. Gesink: ”Dit was een weerstation van Pesse dat temperatuur, bodemvocht, neerslag, luchtvochtigheid en bladnat kon meten. Zo is er realtime informatie beschikbaar over de weersomstandigheden en de toestand van het gewas”.

Wat hij hieraan heeft gehad tijdens de droge zomer? “Tja, minder dan gehoopt, want wij kunnen niet beregenen op aardappelen. Onze meerwaarde voor het weerstation is de koppeling aan het ziektemodel voor het voorspellen van schimmelinfecties. In een jaar met normale neerslag kan het dan prima aangeven wanneer de aardappelen moeten worden beschermd tegen schimmelziekten. Afgelopen jaar was het zo droog dat er geen schimmelinfecties optraden, dus het model gaf aan dat er niet gespoten hoeft te worden”, legt hij uit.

“De ontwikkelingen gaan echter wel door op het gebied van ziektemodellen. Zo is Pesse nu bezig om ook de luizenpopulatie in het veld beter te kunnen voorspellen. Dat zou het interessant kunnen maken om luizen nog gerichter te gaan bestrijden”, weet de Groninger akkerbouwer.

Hij adviseert collega’s die ook op deze manier data van de teelt willen verzamelen dat het gewoon een kwestie van doen is. “Als je er bereid bent om er wat tijd in de steken zijn er genoeg mogelijkheden. Ik hoop dat er nog een tijdje studenten aan dit project kunnen werken en dat de Smart Potato dan verder door commerciële bedrijven wordt opgepakt.”

Nieuwe doorontwikkeling

De Smart Potato krijgt op termijn een nieuwe doorontwikkeling. Die wordt uitgevoerd door studenten van de opleidingen Hanze HBO-ICT, Hanze Industrieel Product Ontwerp  en Hanze Sensor Technology van de Hanzehogeschool Groningen in opdracht van 5Groningen in innovatiewerkplaats Digital Society Hub.

 

Vincent Huisman vertelt over zijn bedrijf Croptimise. De startup van studenten van de Hanzehogeschool Groningen houdt zich bezig met de doorontwikkeling van de Smart Potato, een “slimme pieper” die onder de grond metingen verricht en deze metingen doorstuurt naar de boer. Bekijk de video!

 

www.5groningen.nl › nieuws › hoe-gaat-het-met-de-smart-potato
 

 

Smart Potato: het project

Zo ziet de technologie van dit project er uit. De informatie over vocht, bodemtemperatuur, bodemvocht en beschikbaarheid van stikstof wordt via sensoren op 10 tot 20 cm diepte in het aardappelveld verzameld en aan een 5G-netwerk doorgegeven.

5G werkt voor de slimme aardappel met twee technieken: LoRa van KPN en NB-IoT van internetter Sings van Vodafone. “Via beide technieken waar we nu mee experimenteren kan de aardappelsensor in de grond heel lang met weinig energieverbruik gegevens verzamelen zonder dat de batterij leegraakt. Logisch, want de sensor moet het een heel seizoen lang doen”, aldus Cremers.

Deze netwerken zijn gebaseerd op de LoRAWAN (Long Range Low Power)- technologie, een voorloper van het toekomstige 5G netwerk. De techniek kan grote aantallen sensoren koppelen en kent een zeer laag energieverbruik.

De gegevens worden enkele keren per etmaal via het 5G-netwerk verzonden naar het informatieplatform. Na analyse en presentatie van de data weet de boer aan de hand van groeimodellen of en hoe hij moet bemesten. “De informatie is goed voor zijn portemonnee, voor het milieu en gezond voor de consument”, aldus de projectcoöordinator.

Aan de pilot Smart Potato van 5Groningen doen de volgende partijen mee: techniek Economic Board/5Groningen waartoe het project Smart Potatoe behoort, Hanzehogeschool Groningen, akkerbouwer Derk Gesink, KPN, Vodafone en Solentum in Joure. Deze startup ontwikkelt momenteel een app waarmee de aardappelteler snel de totale opbrengst en kwaliteit van een oogst kan bepalen.

 

Slow Food Nederland lanceert Ark van de Smaak in Nederland

ArkvandeSmaak 1dd1fb15-a621-92ea-3f46-8160619f1181Fotocredits: Wunderwald

 

De Ark van de Smaak is een ode aan de gastronomische rijkdom en agrobiodiversiteit van Nederland. Het is een catalogus van kleinschalige voedselproducten en bereidingswijzen van over de hele wereld, die dreigen te verdwijnen. Met 100 Ark producten, verschillende recepten van chefs, interviews en essays. Het Drents Heideschaap, de Sint Jans Ui, de Brabantse Bellefleur, de Limburgse Stroop en nog veel meer: deze producten en bereidingswijzen maken deel uit van het gastronomisch erfgoed in Nederland. Slow Food laat zien dat het Nederlands culinair erfgoed breed inzetbaar is en niet alleen in Nederlandse gerechten. Zo maakt Nadia Zerouali couscous met de Kollumer zoete grauwe erwt en de Soester knol en laat Nel Schellekens zien hoe je de lekkerste gebraden Twentse landgans op tafel zet.

 

Boek kopen

Het boek ‘De Ark van de Smaak in Nederland’ is verkrijgbaar via de webshop van Slow Food Nederland, bij uitgever Walburg Pers en
bij lokale boekhandels door heel Nederland. Op dit moment is het boek er alleen in het Nederlands.

 

Verkrijgbaarheid Ark van de Smaak producten

Slow Food Nederland wil iedereen aansporen om de Ark producten te gaan eten, en er mee te gaan koken. Via het online platform Kies Lokaal is op een kaart van Nederland te zien waar Ark van de Smaak producten gemaakt worden en te verkrijgen zijn. Slow Food Nederland gaat dit platform verder uitbreiden om meer mensen te enthousiasmeren voor het gastronomisch erfgoed van Nederland.

 

Over Slow Food

Slow Food Nederland is een voedselbeweging die zich inzet voor een good, clean en fair voedsel voor iedereen. Slow Food brengt mensen uit de hele voedselketen samen: boeren en tuinders, chefs, vissers, wetenschappers, ondernemers en consumenten.

Een platform voor veranderaars; mensen die het anders durven te doen met aandacht voor mens, dier en natuur door middel van de Chefs Alliantie, de Ark van de Smaak en diners, workshops, proeverijen en campagnes op lokaal, nationaal en internationaal niveau.

www.slowfood.nl

 

 

 

Bio Bakkerij De Trog lanceert Belgisch korenbrood: recht van de akker naar de bakker

Korenbrood persconferentie sfeer HIRES_19Korenveld personen LR

 

 

Bio Bakkerij De Trog lanceert Belgisch Korenbrood. Dit is biologisch brood dat steunt op een sterke en waardegedreven samenwerking:lokale economie, biodiversiteit en  ambacht.

Op de Trefdag Biologische Landbouw bij Inagro werd het eerste zaadje van dit project geplant. De meesterbakker van Bio Bakkerij De Trog, Hendrik Durnez inspireerde er vijf graanboeren,uit Vlaanderen en Wallonië met zijn passie voor biologische broodwaren, lokale graansoorten en eerlijke handel.

 

Biodiversiteit en biologische landbouw

De diverse tarwepopulatie die aan de basis van Korenbrood ligt, berust op een spontane, natuurlijke kruising van tien tarwesoorten en betekent meerwaarde voor  de biodiversiteit.We bewegen weg van monoculturen, geven ziekten geen kans en verkiezen een stabiel zaai- en oogstproces met een biologische manier van telen en verwerken.

 

Diverse tarwesoorten en verrassende voedingsstoffen

 

De diverse tarwepopulatie waar tientallen variëteiten aan de basis liggen geeft Belgisch Korenbrood een andere insteek.De tarwerassen ondergaan een spontane kruising waardoor een uiteenlopende tarwepopulatie tot stand komt die ook in de toekomst kan wijzigen en verrassende combinaties zal opleveren.

 

Brood met lokale spelers

Belgische Korenbrood is gemaakt van biologische grondstoffen die zorgvuldig zijn geselecteerd en op een ambachtelijke en n eerlijke manier verwerkt.

Landbouwer, molenaar, bakker en retailer zijn om de hoek. Belgisch Korenbrood garandeert een korte keten en eerlijke landbouw, investeert in een lokale biodiversiteit én beperkt de ecologische voetafdruk.

 Korenbrood (donker topshot) LR

 

Belgisch Korenbrood wordt gedragen door vijf partners:

BioGrano: vijf bioboeren
Inagro: kennisinstelling
Molens Nova: maalderij
Biobakkerij De Trog: biologische bakkerij

Bio-Planet: biologische retailer

 

Masterclass Carlo Cracco: pleidooi voor authentieke Italiaanse producten

 

CarloCracco _A730413

 

Carlo Cracco  chefkok van restaurant Cracco in Galleria Vittorio Emanuele in Milaan hield tijdens zijn masterclass een pleidooi voor authentieke Italiaanse producten. 

 

De Italiaanse sterren- en TV-chef Carlo Cracco hield onlangs een masterclass. In deze masterclass, georganiseerd door de Italiaanse Kamer van Koophandel voor Nederland, lag de focus op koken met  rijst en risotto. 

Risotto is een authentiek Italiaans gerecht. Het is oorspronkelijk rijst met verse doperwten, een soep die is doorontwikkeld tot de hedendaagse  risotto. Het gerecht is kenmerkend voor Italie als zeer belangrijke rijstproducent in Europa. In elke regio wordt wel een eigen soort rijst verbouwd.

In de masterclass maakte Carlo Cracco  twee gerechten met risotto.

 

 Het eerste recept heeft als basis Riso Carnaroli. Met deze rijstspecialiteit bereidde Cracco  risotto met lokale producten waaronder  gele tomatensaus, garnalen uit Liqurie, extra vierge olijfolie uit Romania, Parmezaanse kaas en munt.

 _Risotto A730516

 

Carnaroli rijst met gele tomaat Paarse garnalen uit Santa Margherita Ligure en munt

Ingrediënten voor 4 personen:

320 gram Carnaroli rijst

150 gram gele tomatensaus of 1 blikje gepelde gele tomaten

100 gram boter

50 gram Parmezaanse kaas

150 gram verse doperwtjes

12 paarse garnalen

1 sjalotje

Extra vergine olijfolie

muntblaadjes

een half glas witte wijn

citroenrasp

kokend water

 

Breng in een steelpan water aan de kook en houd het aan de kook. Verhit in een koekenpan met dikke bodem een beetje extra vergine olijfolie van eerste persing en boter. Fruit de fijngehakte sjalot op laag vuur zonder bruin te worden.  Voeg de rijst toe en bak hem mee op een matig vuur onder voortdurend roeren met een houten lepel. Blus af met witte wijn. Wanneer de wijn is verdampt, de tomatensaus en het zout toevoegen (ongeveer een mespunt zout per persoon). Voeg het kokende water pollepel voor pollepel toe tot de vloeistof perfect is opgenomen. Voeg halverwege de kooktijd de erwten toe. Maak intussen de garnalen schoon, verwijder de schalen en de ingewanden en snijd ze in 3 of 4 stukken. Zout de garnalen lichtjes en breng ze op smaak met citroensap en een beetje olijfolie. Zet dit opzij. Zodra de rijst gaar is, van het vuur halen en overgaan tot de mantecatura, het binden van de rijst.. Voeg hiervoor de vers geraspte Parmezaan in één keer toe met de olijfolie, de rest van de boter en de fijngehakte munt en roer voortdurend om een romige risotto te verkrijgen.  Breng op smaak met zout en een snufje witte peper. Leg de risotto op een bord en schik de garnalen er midden op.

 Risotto2 _A730544

 Vialone Nano rijstpudding gearomatiseerd met witte koffie

Cracco maakte in zijn masterclass  een nagerecht dat herinneringen uit zijn jeugd oproept: romige rijst bereid met melk, met koffiebonen, steranijs, kardamom en langzaam al dente gekookt. De rijstspecialiteit Riso Vialone Nano heeft een kleine en fijne korrel. Het dessert kan worden geserveerd met verse kersen of in ovenvormpjes met sausjes en afgemaakt met chocoladestukjes of gemalen koffie.

 

Ingrediënten voor 4 personen:

500 gram verse volle melk

70 gram Vialone Nano rijst

50 gram natuurlijk mineraalwater

30 gram hele koffiebonen

10 gram kristalsuiker

1 steranijs

1 groene kardemompeul

 

Breng de melk in een steelpan bijna aan de kook, zet het vuur uit, wacht enkele minuten en voeg de koffiebonen, steranijs en kardemom toe. Sluit het deksel, wacht 5 minuten en zeef de melk. Giet de met koffie gearomatiseerde melk in een steelpan en voeg het water, de rijst en de suiker toe. Zet op het vuur en laat 15 minuten zachtjes koken. Als de rijst gaar is warm serveren in vier schaaltjes. Voeg een beetje water toe om het gerecht koud te serveren en bestrooi dit eventueel met pure chocoladestukjes en een verkruimeld koekje.

 

De masterclass is onderdeel van het bredere project #TrueItalianTaste. Dit programma, gecoördineerd door Assocamerestero, de belangrijkste vereniging van de Italiaanse kamers in het buitenland, en gepromoot en gefinancierd door de Italiaanse regering, heeft tot doel de waarde van authentieke Italiaanse voedingsproducten over de hele wereld te promoten en veilig te stellen. Deze activiteit, gestart in 2016 in de VS, Canada en Mexico, werd in 2018 uitgebreid in Europa, in landen als België, Frankrijk, Duitsland, Luxemburg, Spanje, Zwitserland, VK en Nederland. Vorig jaar is het ook in Azië gebracht.

 Sinds 2018 is er  een reeks activiteiten opgezet zoals workshops, seminars, inkomende B2B-missies, trainingsactiviteiten, masterclasses en evenementen om de authentieke Italiaanse producten in het buitenland te promoten. De grote sterren van #TrueItalianTaste-activiteiten zijn Italiaans eten en wijnen: hier zijn ze rechtstreeks getuige van hun geschiedenis, lokale gebieden, traceerbaarheid, maar ook hun geheimen en de nauwgezette zorg die is besteed aan hun unieke productie om hun authentieke smaken te versterken en hun onnavolgbare uniciteit te maken.

 

Over Carlo Cracco

Geboren in Vicenza in 1965, begon hij zijn professionele carrière bij Gualtiero Marchesi in Milaan. Hij verhuisde voor drie jaar naar Frankrijk, waar hij de kans kreeg om de geheimen van de Franse keuken te leren kennen onder begeleiding van Alain Ducasse en Lucas Carton. Daarna keerde hij terug naar Florence, waar hij de eerste chef-kok werd van de Enoteca Pinchiorri, die tijdens zijn management in zeer korte tijd drie Michelin-sterren behaalde. Gualtiero Marchesi belde hem terug voor de opening van zijn restaurant L’Albereta in Erbusco (Brescia), waar Cracco drie jaar als chef werkte.

Onmiddellijk na deze ervaring verhuisde hij naar Piemonte waar hij zijn eerste restaurant”Le Clivie opende, in Piobesi d’Alba (Cuneo). Daar verdiende hij al na een jaar een Michelinster. Na een paar jaar keerde hij terug naar Milaan voor de opening van het restaurant”Cracco-Peck, waar Cracco de rol van Executive Chef op zich nam tot hij Chef Patron werd in 2007.

In februari 2018 verhuisde hij naar Galleria Vittorio Emanuele voor zijn grootste project: 1200 vierkante meter oppervlak verdeeld over verschillende verdiepingen: een van de beste wijnkelders ter wereld, het Cracco café op de begane grond, een banketbakkerslaboratorium, het Gastronomisch Restaurant en een privéruimte voor exclusieve evenementen.

Tegenwoordig is Carlo Cracco de voorzitter van Associazione Maestro Martino, een non-profitorganisatie die als hoofddoel heeft de haute cuisine en de voortreffelijkheid van ons grondgebied te promoten. Hij is jarenlang een getuigenis en medewerker van IFAD, een gespecialiseerd VN-agentschap dat zich inzet voor meer landbouwactiviteiten, waardoor arme plattelandsbevolking meer voedselzekerheid kan bereiken, de kwaliteit van hun dieet kan verbeteren en hun aanpassingsvermogen kan versterken. 

Ontdek meer over de chef-kok  https://www.ristorantecracco.it/en/ Association Maestro Martino: https://maestromartino.it/

 

 

 

De eetbare natuur. De essentie van landschap en voeding

 

In De eetbare natuur. De essentie van landschap en voeding toont filosoof Michiel Korthals zijn visie op de huidige stand van zaken van de Nederlandse landbouw en voedingssector die in zwaar weer verkeert.

Van alles is te veel: landbouwhuisdieren, chemie, vervuiling, uitputting en grootspraak -‘Nederland voedt de wereld!’.

Er is ook te weinig: variatie van landschap, natuur en smaak. Korthals geeft inzicht in deze problemen en laat zien dat samenwerken met de aarde, de bodem, de dieren, het landschap radicale veranderingen nodig maakt.

Landbouw en voeding staan niet voor marginale activiteiten waar je je beter niet mee kunt bemoeien, maar voor levensvraagstukken. Korthals toont aan dat samenwerken van mensen met natuur essentieel is. Soms schuurt het, soms moet je omwegen bewandelen, maar het loont altijd met levenskwaliteit.

Michiel Korthals is hoogleraar ecogastronomie aan de Slow Food Universiteit (UNIGS) in Italië en emeritus hoogleraar aan de Vrije Universiteit Amsterdam en Wageningen University & Research. Van zijn hand verscheen eerder Goed eten. Filosofie van voeding en landbouw (2018). Korthals is kleine akkerbouwer via de Stichting Oude Landbouwgewassen Laren en voorzitter van Slow Food Gooi Eem en Vecht en van Slow Food Tuinen Afrika.

Michiel Korthals – De eetbare natuur. De essentie van landschap en voeding Noordboek | ISBN 978 90 5615 748 7 | paperback, 144 pagina’s | verkoopprijs € 14,90

Cover Eetbare natuur LR

 

Meer voedsel uit Flevoland voor Amsterdam

8598049a-1e6f-48c5-b41d-68cf4dccee71

 
 
 
 

Kennisinstellingen, ondernemers en boerenorganisaties slaan handen ineen om logistieke puzzel rondom de stad op te lossen

Er moet een sterker lokaal voedselsysteem komen in de regio Amsterdam. Deze ambitie sprak wethouder Ivens (Voedsel, gemeente Amsterdam) eind oktober uit bij de lancering van een regionaal samenwerkingsverband om korte voedselketens te bevorderen. Een van de grote struikelblokken voor regionale voedselketens is de logistiek. Simpel gezegd: wat is er nou écht nodig om die wortel van Flevoland naar Amsterdam te krijgen met zo min mogelijk uitstoot? Een consortium van korte keten ondernemers en kennisinstellingen, Cross KIC tussen EIT Climate KIC en EIT Urban Mobility, onderzoekt hoe de logistiek rondom de metropoolregio Amsterdam zo efficiënt mogelijk georganiseerd kan worden. 

Schone en efficiënte logistiek

Lokale voedselsystemen, oftewel korte voedselketens, worden vaak opgezet met als doelstelling de CO2 uitstoot te verminderen. In de praktijk blijkt dit vaak makkelijker gezegd dan gedaan. Nieuwe, korte voedselketens kunnen in de beginfase zelfs voor meer logistieke bewegingen in de stad zorgen. De afgelopen jaren is er door verschillende ondernemers veel kennis opgedaan over schone en efficiënte logistiek in de korte keten. De bundeling van deze kennis en het faciliteren van samenwerking tussen deze partijen kan leiden tot een doorbraak in het opzetten van duurzame, regionale voedselsystemen.

Naar regionale voedselketens

Een consortium van ondernemers, boerenorganisaties en kennisinstellingen, bestaande uit Amped, Local2Local, Taskforce Korte Keten, vereniging Flevofood, Boeren voor Buren, de provincie Flevoland, Foodlogica, Rabobank, Makro en de TU/e gaat de logistieke puzzel rondom de stad oplossen en een blauwdruk maken waarmee regio’s zelf efficiënte en schone korte voedselketens kunnen opzetten. Uiteindelijk moet dit leiden tot regionale voedselketens met een lagere CO2 footprint, betere beschikbaarheid van lokale producten voor de consument, betere samenwerking binnen de keten en een betere prijs voor de boer. De voortgang van het project te volgen via www.taskforcekorteketen.nl.

Vereniging Flevofood

Vereniging Flevofood maakt deel uit van dit interdisciplinaire onderzoeksproject. Flevoland is immers de groentetuin van Europa en onze leden willen graag een gedeelte van hun afzet lokaal vermarkten, om zo duurzaam mogelijk te kunnen zijn. Dit project zet een stap richting een lokale korte voedselketen waarmee in potentie 4 miljoen monden kunnen worden gevoed. 

EIT Climate KIC en EIT Urban Mobility

EIT Climate KIC is een kennis en innovatie community (Knowledge and Innovation Community, KIC) gericht op het versnellen van de transitie naar een klimaatneutrale maatschappij. EIT Urban Mobility maakt de overgang mogelijk naar leefbare stedelijke ruimtes, ondersteunt ondernemerstalent en mobiliteitsbedrijven. Binnen dit Cross KIC project werken EIT Climate-KIC en EIT Urban Mobility samen voor de implementatie van regionale voedsel logistiek en distributie in de stad Amsterdam.

 
What do you want to do ?

New mail

 
What do you want to do ?

New mail

 
What do you want to do ?

New mail

Ministeries voor de Nieuwe Tijd: publiek pleidooi voor stille, schone, sociale, solidaire en circulaire samenleving

Ministeries voor

 

Een publiek pleidooi voor een stille, schone, sociale, solidaire en circulaire samenleving als basis voor gezonde generaties.

Het coronavirus heeft de wereld op zijn kop gezet. Dit boek geeft een verzameling van doordachte en speelse vooruitzichten.

Deskundigen uit alle hoeken van de samenleving laten zien hoe we die vooruitzichten kunnen realiseren, met nieuwe ministeries die passen bij de behoeften van nu en verder gaan dan de wereld van overmorgen. Ministeries die op het eerste gezicht verschillend lijken, maar veel met elkaar gemeen hebben. Door oog en oor te hebben voor elkaar, door veel meer open te staan voor de menselijke maat en onze innerlijke waarden bewust te omarmen, zijn we in staat het samen te rooien.

Het boek geeft volop inspiratie op een breed terrein en beschrijft de visie van een reeks Ministeries waaronder het Ministerie van Verbinding, Nuance, Stilte, Lokale gemeenschappen, Alternatieven en natuurlijke steden, Organische groei en Duurzame Delta’s.

Het Ministerie van Vitaal Voedsel is nog niet beschreven, maar dat zou ik ons allemaal wel gunnen, zoals Petra Hiemstra schrijft.

De voorstellen in Ministeries voor de Nieuwe Tijd zijn concreet en haalbaar. Door te investeren in zaken die dichtbij onszelf liggen, verdwijnen schadeposten die anders ‘vanzelf’ zouden ontstaan. Dit boek biedt handelingsperspectief voor iedereen.

Over de auteur

Petra Hiemstra (1975) is loopbaan- en carrièrecoach van professionals die op zoek zijn naar verdere innerlijke groei, focus en reflectie. Petra is een verbinder van het eerste uur, zoals ze ook met de interviews in dit boek laat zien: Ik geloof dat juist de mensen die veel geven, ook zelf regelmatig inspiratie en “voeding voor de ziel” verdienen.

In haar eerste boek ‘Ministeries van de nieuwe tijd’ stelt ze toekomstmakers de vraag: Als jij je ideale ministerie mag vormgeven, hoe zou jouw ministerie dan heten en welke vijf speerpunten staan er centraal?’

Bestellen

Het boek met korting bestellen? Mail naar petra.hiemstra@haagsehoogvliegers.nl

(06)33803867

De uitgave is ook (zonder korting) verkrijgbaar via bol.com of via de lokale boekhandel.

Ministeries van de Nieuwe Tijd. 

ISBN 978-90-831036-0-0

NUR 740 en 805

 

 

 
What do you want to do ?

New mail

 
What do you want to do ?

New mail

 
What do you want to do ?

New mail

 
What do you want to do ?

New mail

 
What do you want to do ?

New mail

 
What do you want to do ?

New mail

 
What do you want to do ?

New mail

 
What do you want to do ?

New mail

 
What do you want to do ?

New mail

 
What do you want to do ?

New mail

 
What do you want to do ?

New mail

 
What do you want to do ?

New mail

Colruyt stapt in mosselkweek

Belgische mosselen - op zee (2) Belgische mosselen - op zee (3) Belgische mosselen - op zee (1)PERSBERICHT Halle, 10 december 2020

 

Voorbeeld van ketenintegratie

Colruyt Group verwerft vergunningen om Belgische mosselen te kweken in de Noordzee

Zoektocht naar partners om infrastructuur op zee te bouwen en mosselen te kweken gaat van start

 

Colruyt Group heeft recent de gebruiks- en milieuvergunning voor projectzone C in de Noordzee verworven. Zone C ligt op 5 kilometer voor de kust van Nieuwpoort en Koksijde en is beter gekend als de Westdiepzone. Colruyt Group vroeg in april 2020 de nodige vergunningen aan om er in een eerste fase Belgische mosselen en later ook oesters en zeewier te kweken. Met de vergunningen op zak zoekt de groep nu naar partners voor de installatie en het onderhoud van de mossellijnen, de kweek en oogst van Belgische mosselen en de verwerking en verpakking ervan. De groep verwacht pas ten vroegste een eerste beperkte mosseloogst in het najaar van 2022 en hoopt in 2023 op een volwaardig Belgisch mosselseizoen.

Gefaseerde en doordachte aanpak

Met de vergunningen op zak heeft Colruyt Group een eerste belangrijke horde genomen om op termijn mosselen, platte oesters en zeewier te kweken in de Noordzee. De gecombineerde kweek van deze drie inheemse soorten in volle zee zou uniek zijn in de wereld en een absolute primeur voor de Belgische Noordzee. “Er is heel veel onderzoek en innovatie aan voorafgegaan, maar nu komt de realisatie van de allereerste zeeboerderij in de Noordzee wel heel dichtbij”, vertelt Stefan Goethaert, directeur kwaliteit en productie bij Colruyt Group. “Op een dergelijke schaal mosselen, oesters en zeewier kweken in de Noordzee is nog niet eerder gedaan. We weten ook dat dit niet evident zal zijn gezien de ruwe condities en de stroming in de Belgische Noordzee. Daarom gaan we stap voor stap te werk.”

Colruyt Group zal elke fase van dit project, van het ontwerp tot de bouw en het onderhoud van de zeeboerderij, gefaseerd en weldoordacht aanpakken. “We zijn het ontwerp van onze installatie nu aan het finaliseren, tot aan de materiaalkeuze toe. Wanneer het ontwerp finaal is, kunnen we met potentiële partners rond de tafel gaan zitten. Daar willen we in de eerste helft van 2021 werk van maken, om dan in de tweede helft van dat jaar effectief te starten met de installatie van de eerste mossellijnen.”

De groep zal in een eerste fase een kwart van de oppervlakte van zone C benutten. Daar zal het een 50-tal mossellijnen inzaaien, die zo’n 250 ton mosselen zullen opleveren. Een eerste beperkte mosseloogst zou in het najaar van 2022 aan de orde zijn. De groep mikt op 2023 om een eerste volwaardig mosselseizoen mee te pikken en zo voor het eerst Belgische mosselen aan te bieden in al haar winkels.

Duurzame en lokale partnerships

Colruyt Group zal voor het ontwerp, de bouw en de exploitatie van de zeeboerderij, alsook voor het opzetten van de verdere verwerkingsketen (kweek, oogst, verwerking en verpakking) een beroep doen op partners met de nodige expertise. Ook voor het garanderen van de veiligheid in en rond de zeeboerderij en voor het monitoren van de impact op het milieu, zal de groep gerichte partnerships aangaan. “Waar mogelijk willen we de voorkeur geven aan lokale, Belgische partners”, vult Stefan Goethaert aan. “We zijn ervan overtuigd dat we met dit project een nieuwe waardeketen in België kunnen opzetten, en op die manier kunnen bijdragen tot lokale werkgelegenheid en vernieuwing in de Belgische aquacultuur- en voedingssector. We vinden het zelf heel belangrijk om te investeren in dergelijke innovatieve projecten en zijn verheugd om de Belgische waterbouwer DEME als mede-investeerder aan boord te hebben.”

Impact op het milieu

Colruyt Group hecht bijzonder veel belang aan het milieu en zal de commerciële activiteiten daarom combineren met natuurbeheer in de Noordzee. Er is een sterk geloof dat de kweek van mosselen, oesters en zeewier een positieve invloed zal hebben op de waterkwaliteit én de biodiversiteit op en rond de kweekinfrastructuur. De impact op het milieu zal de komende jaren goed gemonitord worden. De groep zal daarover verslag uitbrengen aan een begeleidingscomité waarin verschillende overheidsdiensten zullen zetelen. De Wetenschappelijke Dienst Beheerseenheid van het Mathematisch Model van de Noordzee (BMM) die de milieueffecten beoordeelde en advies uitbracht aan de minister zal vertegenwoordigd zijn in dit comité.

Brigitte Lauwaert, diensthoofd van BMM: “BMM verleent al sinds 1980 advies over de bescherming van het Belgische deel van de Noordzee. Nu wordt er voor het eerst een commercieel aquacultuurproject vergund, een unicum in de Belgische maritieme geschiedenis. Op basis van onze wetenschappelijke expertise hebben wij hard gewerkt aan de voorwaarden waaraan het project moet voldoen en aan een monitoringsprogramma om de effecten van de zeeboerderij in kaart te brengen. Dit monitoringsprogramma wordt door BMM en Colruyt Group samen uitgevoerd aldus Stefan Goethaert. Daarnaast zet de groep in op constructief overleg met alle betrokkenen, zoals de lokale besturen, de havens, de visserij en de pleziervaart.

“We beseffen heel goed dat sommige partijen zich vragen stellen en blijven in dialoog gaan”, stelt Stefan Goethaert. “Tegelijk zijn we ervan overtuigd dat heel wat lokale spelers positief staan tegenover de komst van een zeeboerderij en hier mee hun schouders willen onderzetten. Wie interesse heeft in ons project, nodigen we uit om met ons rond de tafel te zitten.”

Blijven inzetten op onderzoek en overleg

Colruyt Group investeert naast dit commerciële project ook in onderzoek en innovatie in aquacultuur. Zo maakt de groep deel uit van een onderzoeksproject in zone C, waarbij de combinatie van aquacultuur en passieve visserij onderzocht wordt. “We zijn ervan overtuigd dat de zeeboerderij heel wat inzichten zal opleveren en zo een meerwaarde zal betekenen voor lopende en toekomstige onderzoeksprojecten, waar we aan zullen blijven deelnemen.”

Over Colruyt Group

Colruyt Group is actief in de distributie van voedingswaren en non-food in België, Frankrijk en Luxemburg, met ongeveer 600 eigen winkels en 580 aangesloten winkels. In België gaat het om Colruyt, OKay, Bio-Planet, Cru, Dreamland, Dreambaby, Fiets! en de geaffilieerde winkels Spar en Spar Compact. In Frankrijk zijn er naast Colruyt-winkels ook geaffilieerde winkels van Coccinelle, Coccimarket en Panier Sympa. De groep is ook actief in de foodservice business (levering van voedingswaren aan hospitalen, bedrijfskeukens en horecabedrijven) in België via Solucious. De overige activiteiten omvatten de verdeling van brandstoffen in België (DATS 24), print en document management oplossingen (Symeta) en productie van groene energi an EUR 9,5 miljard. Colruyt is genoteerd op Euronext Brussel (COLR) ondee (Eoly). De groep telt meer dan 30.000 medewerkers en realiseerde in 2019/20 een omzet van

 
What do you want to do ?

New mail

 
What do you want to do ?

New mail

 
What do you want to do ?

New mail

 
What do you want to do ?

New mail

Azura Groep zet 100% CO₂-neutraliteit op verpakking tomaat

 

 
What do you want to do ?

New mail

Eind 2020 is de tomatenproductie van de Azura Group van ‘farm to fork’ honderd procent CO₂ -neutraal. Volgens het Frans-Marokkaanse familiebedrijf, een van de grote spelers in groenten- en fruitproductie, is het bedrijf met die honderd procent CO₂ -neutraliteit de eerste ter wereld. In 2021 komt er daarom een speciaal logo op de verpakking van het product van Azura.

Jaarlijks wordt bijna 192.000 ton CO₂ gecompenseerd. Hiervoor werkt de groep samen met Climate Partner. Een windmolenpark in de regio Tanger-Tétouan in Marokko en een regenwoudbeschermingsproject in Tambopata in Peru zijn opgezet.

Logo
Met een speciaal hiervoor ontworpen logo zal de CO₂-neutrale manier van produceren voor de consument zichtbaar worden op de verpakkingen. Op het logo zal staan ’100% carbon neutral’. Het logo is vormgegeven met de ‘A’ van Azura en een QR-code.

Met één simpele klik krijgt de consument toegang tot relevante informatie op de website van Azura. Via de QR-code wordt de consument geïnformeerd over de door Azura gesteunde projecten, het CO₂-compensatievolume en over alle andere acties die Azura de afgelopen 10 jaar heeft uitgevoerd ter vermindering van de ecologische voetafdruk.

1,26 kg CO₂ per kilo tomaten
Azura is opgericht in 1990. De groep teelt seizoensgebonden met natuurlijke warmte en zonlicht in Marokko en Frankrijk. Geen enkele andere energiebron is nodig voor het verwarmen van de kassen aldaar. 

Azura-tomaten hebben vanwege deze strategie van nature een lage ecologische voetafdruk. De totale broeikasgasuitstoot van farm to fork bedraagt 1,26 kilogram CO₂ per kilo tomaten.

Milieu-impact meten
In 2010 is Azura begonnen met het meten van haar milieu-impact aan de hand van de LCA-methode (Life Cycle Assessment) volgens de internationale ISO-standaardnormen 14040 en 14044 met als doel het verbeteren van de teeltpraktijken. Hierdoor is de CO₂-uitstoot van Azura de afgelopen 10 jaar met 20% afgenomen.

De LCA meet de effecten van Azura’s activiteiten op het milieu (met name de CO₂-uitstoot) en bestrijkt de volledige productlevenscyclus: de grondstoffen, de productie (van zaad tot vrucht), de verpakking, het producttransport, de opslag en de bewaring op de distributielocatie. De LCA-berekeningen omvatten alle door Azura geproduceerde tomaten, ongeacht de bestemming, maar ook de uitstoot van CO₂ die wordt gegenereerd door de productie van de aromatische kruiden en eetbare bloemen die door Azura worden geproduceerd. De doelstelling voor de komende jaren is om de CO₂-uitstoot verder te verminderen, in lijn met het in 2010 gelanceerde plan, waardoor ook het CO₂ – compensatievolume zal afnemen.

Duurzaamheidsrapport
Naast de CO₂-compensatieprojecten zet Azura ook in op het verlagen van het verpakkingsgewicht (sinds 2010 is dat gewicht met 43% gedaald, een besparing van 1200 ton plastic sinds 2015), het verbeteren van afvalrecycling, introductie van een ‘Zero Pesticide Residue-aanpak’ in juli 2019 en via de Azura Foundation ondersteuning van de ontwikkeling van lokale gemeenschappen. Alle informatie over 2019 staan in een duurzaamheidsrapport.

Voor meer informatie:
Azura Group
www.azura-group.com

 
What do you want to do ?

New mail

Oudere berichten »

 

  Kennis- en innovatieplatform voor de agrifoodketen ©2021 Ria Besseling