Agrifoodclicks

Versketens werken samen voor een betere data-uitwisseling

Vijf dingen die we moeten weten over FreshUpstream

Versproducenten gaan voor in de keten -  tussen de schakels van boer, tuinder, veehouder, visser, verwerker, handel en logistiek – samenwerken om data beter ketenbreed te kunnen delen.

Deze samenwerking in de stichting FreshUpstream is nieuw, want tot nu toe delen vooral producent en retailer gegevens. Vijf dingen die we volgens programmamanager Harrij Schmeitz en voorzitter Philip den Ouden moeten weten over FreshUpstream.

1 – De participerende partijen
GS1 Nederland is een drijvende kracht achter het
platform en de belangrijkste sponsor. Diverse brancheorganisaties
ondersteunen de stichting FreshUpstream: het Groenten-
Fruit Huis, de Federatie Nederlandse Levensmiddelen Industrie
(FNLI), Land- en Tuinbouw Organisatie Nederland (LTO
Nederland), het Centraal Bureau Levensmiddelenhandel (CBL)
en FrugICom. Ook bedrijven als Vion en Fruitmasters doen
mee.
De stichting FreshUpstream werkt intensief samen met en
draagt bij aan het onderzoeksproject Trusted Source over
betrouwbare informatie over voeding, opgezet door het
Ministerie van Economische zaken en Wageningen UR.
Versketens werken samen aan data-uitwisseling
Versproducenten gaan tussen de schakels van boer, tuinder, veehouder, visser, verwerker,
handel en logistiek samenwerken om data beter ketenbreed te kunnen delen. Deze samenwerking
in de stichting FreshUpstream is nieuw, programmamanager Harrij Schmeitz en
voorzitter Philip den Ouden brengen ons op de hoogte.

2 – De doelen
FreshUpstream wil voor diverse versketens
ketenbreed de GS1-standaarden toepassen. De standaarden
worden nu vooral toegepast in de keten voor AGF-producten.
In andere ketens – zuivel, vlees, vis – is dit minder. Natuurlijk
wordt er op veel plaatsen gewerkt aan het delen van informatie.
Dit is erg gefragmenteerd en de initiatieven sluiten niet op
elkaar aan. Versketens hebben in het delen van informatie nu
vooral te maken met informatie over product, volumes, aantallen,
logistieke info en dergelijke.
In de AGF-keten is door ketenpartijen zelf, door het oprichten
van FrugIcom, het initiatief genomen om het delen van informatie
sterk te verbeteren door een breed draagvlak voor
bestaande standaarden, vooral de GS1-standaarden, te bou-
wen. FreshUpstream bouwt voort op die ervaring waar
FrugICom in de AGF-keten al jaren GS1 als standaard hanteert
en nu werkt aan een verdere internationalisering van datauitwisseling
in de AGF-sector.
Door uit te gaan van bestaande en goed werkende standaarden
en deze in alle versketens toe te passen, kan efficiënt worden
gewerkt en kunnen kosten en tijd worden bespaard. Door dezelfde
DigiTaal te gebruiken, wordt communicatie niet alleen
binnen ketens, maar ook tussen ketens, sterk bevorderd.
GS1 fungeert daarbij als onafhankelijke organisatie die wereldwijd
afspraken over verschillende identificatiestandaarden (bijvoorbeeld
voor product en productcategorie of productielocatie) en
informatiestandaarden (welke informatie staat waar?) ontwikkelt
en vastlegt voor het effectief uitwisselen en toegankelijk maken
van informatie over product, producent en productie.

FreshUpstream-Infographic-050318 (002)

 

3 – Zo gaat FreshUpstream bijdragen aan
voedselveiligheid
Gegevens uitwisselen door hele keten heen kan onder meer
bijdragen aan het verder verbeteren van de voedselveiligheid.
Het gaat dan niet alleen om informatie over het product,
maar ook om de productiewijze, de productkwaliteit en de
grondstoffen voor de verse producten zoals groenten of vlees
en vleeswaren. Dan wordt duidelijk of de teler of veehouder
tijdens de productie bijvoorbeeld gewasbeschermingsmiddelen
of antibiotica heeft gebruikt en waarvoor het product of de
producent is gecertificeerd, ook voor partijen verder in de
keten.
Hier horen gegevens bij van de locatie van het productiebedrijf
en van de locatie voor de opslag van de versproducten. Informatie
van deze schakels geeft meer inzicht over de herkomst
van het vers. Ook hiervoor hoeft geen nieuwe identificatiestandaard
te worden opgezet: het bestaande Global Location
Number (GLN) voldoet prima als uniforme coderingsmethode
door de keten heen.

4 – De voordelen voor de voedingsmiddelenketen
Een uniforme standaard voor het uitwisselen van gegevens in
de hele keten moet leiden tot voordelen voor de hele keten.
Dus ook voor partijen in de primaire schakels. Stroomlijnen voor
een betere informatievoorziening vergroot de beheersing van
de hele aanvoerketen richting consument.
Ook de verwerkers – de voedingsmiddelenfabrikanten – hebben
veel baat bij dit initiatief. Immers, versproducten zijn hun belangrijkste
grondstoffen. Betere, betrouwbare en meer
informatie uit voorliggende ketenschakels die efficiënt toegankelijk
wordt gemaakt, is een evident voordeel. Essentieel ook
voor een naadloze distributie en logistiek: efficiënte bestel- en
leverprocessen en uitlevering.
Stroomlijnen kan ook veel bijdragen aan betere beheersing van
grondstofgebruik en dus minder voedselverspilling bij fabrikant,
handel en retailer.

5 – De voordelen voor de consument
Voedingsmiddelenfabrikanten kunnen een betere
informatievoorziening en een grotere transparantie over de
productiewijze aan de consument bieden. Zij kunnen werken
met meer uitgebreide, correcte en transparante productinformatie
van een goede datakwaliteit voor etiketinformatie op het
product.
Fabrikanten krijgen meer duidelijkheid over de herkomst en
kwaliteit van grondstoffen, de locaties waar versproducten zijn
geproduceerd, zijn be- en verwerkt, waar ze werden verpakt en
waar ze werden opgeslagen. De industrie vergroot hiermee de
transparantie over de producten naar de markt.

Vier domeinen
In het stroomlijnen van data uit het primaire deel van de
keten focust FreshUpstream zich om te beginnen op informatie
binnen vier domeinen: gewasbeschermingsmiddelen,
dierbehandelingsmiddelen, diervoeders en de toepassing van
het global location number (GLN). De stichting overlegt voor
ieder domein met partijen om de vervolgstappen vast te stellen.
Ook start ze een bredere discussie over het belang van
voedselveiligheid en het borgen via informatie-uitwisseling.

 

Meer informatie: Freshupstream.com en www.gs1.nl

 

 

Picnic bezorgt nu ook in Arnhem

 

 

Picnic bezorgt nu ook in Arnhem. De websuper startte vorig jaar al in Ede, Veenendaal en Bennekom, dit voorjaar in Nijmegen. De uitbreiding is onderdeel van de landelijke uitrol van Picnic, dat onder meer bezorgt in de regio’s Utrecht, Rotterdam en Amsterdam en recent van start ging in Brabantse steden.

 PicnicArnhem19015dc-c399-4ea6-b10e-d9b7cd1575e7

In een maand tijd hebben bijna 5500 mensen in Arnhem de app gedownload op hun mobiele telefoon en zich ingeschreven als klant.  Vanuit de hub in de Arnhemse Emplacementstraat rijden de elektrische bezorgwagentjes dagelijks uit om de boodschappen te bezorgen. Picnic start met 10 elektrische bezorgwagentjes en 30 bezorgers. Eind dit jaar moet dit zijn gegroeid naar 20 bezorgwagentjes en 60 bezorgers. In totaal gaat het om ruim 76.000 nieuwe huishoudens die van de diensten van de online supermarkt gebruik kunnen maken. Iedereen op de wachtlijst wordt gefaseerd toegelaten.

Aan het assortiment van Picnic zijn regionale producten toegevoegd waaronder honing van Imkerij de Werkbij uit Veenendaal en bier van de Heidebrouwerij uit Ede.

Milieuvriendelijk bezorgen

De compacte elektrische wagentjes waarmee Picnic bezorgt zijn milieuvriendelijk, stil en staan niet in de weg. Het bezorgmodel betekent ook een aanzienlijke reductie van de CO2-uitstoot van auto’s die consumenten normaal gebruiken om een paar keer per week op en neer naar de supermarkt te rijden. Picnic maakt een einde aan voedselverspilling, omdat het alleen levensmiddelen inkoopt die klanten ook daadwerkelijk hebben besteld.  

Over Picnic

Picnic werkte voor de lancering eind 2015 drie jaar lang in stilte met een team van 30 specialisten aan het thuisbezorgen van boodschappen zonder onnodige tussenschakels. De klant kiest welke rit het beste uitkomt en weet via de Picnic boodschappenradar tot op de minuut hoe laat zijn bezorging komt. De kosten van deze manier van distributie zijn zo laag dat bezorgen gratis is en de boodschappen de laagste prijs hebben.
 
Picnic is een initiatief van internetondernemers Joris Beckers en Frederik Nieuwenhuys, voormalig eigenaren van Fredhopper, ontwikkelaar van personalisatiesoftware voor webwinkels. Serie-ondernemer Michiel Muller stond  aan de wieg van de onbemande tankstations Tango en ANWB-concurrent Route Mobiel, ondernemer Bouke van der Wal is eigenaar van supermarktketen Boni. Later is ook retailondernemer Gerard Scheij aan boord gekomen.

Iedere food en non foodzending op maat verpakt: dat bespaart karton

BoxonDemandMoonen xpacking-setup-650x413.jpg.pagespeed.ic.oVi7cPbA4j

Iedere online zending in food en non food op maat verpakt, dat bespaart karton in de keten. Dit is het doel van Box on Demand, de verpakkingsoplossing die Moonen Packaging tijdens de Webwinkel Vakdagen presenteerde.

Het concept bestaat uit een verpakkingsmachine die dozen van golfkarton samenstelt, tot tien dozen per minuut, meldt Moonen Packaging op haar site. Daarna volgt er aan de hand van software een advies hoe de online retailer of het fulfilmentbedrijf iedere te verzenden bestelling volgens de optimale indeling en formaat in de passende verpakking kan doen. De machine die de Box on Demand produceert, kan tevens een gepersonaliseerde boodschap op de verpakkingen zetten.

Bedrijven in e commerce en fulfilment kunnen met het concept het proces rondom een order optimaal invullen. Bestellingen juist verpakken verkleint daarnaast de kans op productschade, een aanzienlijk risico wanneer bestellingen worden verzonden in een niet passende verpakking.

“Het is in essentie waar ons concept Box on Demand om draait; het produceren van een nauw omsluitende verpakking voor elke order. Als we de trends in de logistieke wereld bekijken, wordt het volume van een verpakking steeds belangrijker”, vertelt key account manager Gert Tabor van Moonen Packaging.

“We bieden webwinkeliers en fulfilmentbedrijven de gelegenheid om binnen de eigen muren een doos op maat te produceren, ook voor gecombineerde orders met meerdere producten in een doos. Met ons totaalconcept worden de verpakkingen gerealiseerd op basis van de producten die verpakt dienen te worden”.

Voor food en non food

Box on Demand leidt tot een hogere efficiency voor e commercebedrijven met een uitgebreid assortiment en veel variatie in producten. De oplossing is geschikt voor producten in zowel non-food retail als voor voorverpakte foodproducten. Deze orders kunnen bestaan uit  producten in primaire verpakking van diverse formaten die in heel kleine of grotere oplagen moeten worden verzonden.

De oplossing vereenvoudigt de regie over het verpakken: veel en gevarieerd verpakkingsmateriaal in voorraad houden wordt verleden tijd. Wanneer producten in hun optimale verpakking het bedrijf verlaten zijn hier bovendien minder afvalmateriaal, opslagcapaciteit en kosten mee gemoeid.

Naar verduurzamen bezorglogistiek

Het concept geeft webwinkels en fulfilmentbedrijven de mogelijkheid om voor een duurzame oplossing te kiezen. Zij kunnen met verpakken op maat de bezorglogistiek van online bestellingen aanzienlijk milieuvriendelijker maken.  

Minder grote verpakkingen vervoeren is veel efficiënter en zorgt voor minder CO2-uitstoot. Belangrijk, want nu de consument voor zijn bestelling kan kiezen uit steeds meer bezorgopties wordt optimaal beladen en vervoeren een vereiste voor een duurzame bezorglogistiek.

Milieuvriendelijke logistiek

Box on Demand past dan ook in het streven naar milieuvriendelijke logistiek in de juiste verpakking. Ook DHL zet duurzame bezorgmiddelen in voor milieuvriendelijk bezorgen. De vervoerder rijdt voor stadsdistributie met onder andere elektrische bestelauto’s en elektrische bakfietsen. Daarnaast wordt het aantal servicepunten uitgebreid waar klanten hun pakketten kunnen ophalen of retourneren en er komen meer pakketautomaten. De pakketvervoerder wil hiermee haar ambitie – een last mile in 2025 voor 70 procent emissievrij – realiseren. Voor internationale zendingen wil de pakketvervoerder naar volledig emissievrij rond 2050.

Op sectorniveau zijn er eveneens initiatieven om duurzaam vervoer te stimuleren. Zo hebben Thuiswinkel.org, Connekt en Topsector Logistiek samen met webwinkels en vervoerders een rekenmodel opgezet dat inzicht geeft in de CO2-uitstoot voor de pakketbezorging. Webshops en pakketdiensten werken sinds kort samen om de CO2-uitstoot over zeven jaar met de helft te verminderen. De consument wordt met de campagne Bewust Bezorgd attent gemaakt op keuze voor duurzaam bezorgen van zijn bestelling.

 

 

Foodretail moet nu werk maken van ketensamenwerking

Samenwerking tussen ketenpartners in foodretai komt maar mondjesmaat van de grond. Dit is de tijd om daarin verandering te brengen, betoogt senior consultant Joke Vink van Groenewout.

Mede door e-commerce is de noodzaak groter dan ooit, terwijl de randvoorwaarden aanwezig zijn om van ketensamenwerking een succes te maken. “Data is het nieuwe goud in transport en logistiek.

Vijftien jaar geleden mocht ik als student aan de Erasmus Universiteit Rotterdam een bijdrage leveren aan het project ‘Van maatwerk naar confectie’. Dit was een groot onderzoeksproject naar retaillogistiek onder leiding van Piet van der Vlist, partner bij Deloitte en deeltijdhoogleraar aan de TU Eindhoven.

Het centrale thema van dit project was ketensynchronisatie. Door processen van supermarktketens, logistiek dienstverleners en leveranciers beter op elkaar af te stemmen, zou de hele keten beter en vooral goedkoper kunnen opereren. Het project heeft wereldwijd tot veel publicaties en pilots geleid. Calculaties maakten duidelijk dat met ketensynchronisatie enorme besparingen mogelijk waren. In 2007 is Van der Vlist aan de Erasmus Universiteit gepromoveerd op dit onderwerp.

 Lees ook de blog
Pak nu momentum: beter wordt het niet

 De titel ‘Van maatwerk tot confectie’ duidt onder meer op de uiteenlopende eisen die elke schakel in de keten aan de logistieke operatie stelde. Destijds was al sprake van uitdijende assortimenten en stijgende bestelfrequenties bij foodretailers, wat betekende dat de bestelgroottes per artikel flink afnamen. Leveranciers produceerden volle pallets met één artikel per pallet, maar de winkels ontvingen liever pallets of rolcontainers met een mix van artikelen.

 Gaan we nu echt samenwerken? De verladers zijn aan zet

 Dat sommige foodretailers een afwijkende ladingdrager prefereerden, maakte de logistieke operatie allesbehalve eenvoudiger. Zelf werkte ik tijdens mijn afstudeertraject bij Schuitema – inmiddels opgegaan in Jumbo – dat geen leveringen op europallets accepteerde of deze intern op Schuitema pallets moest overstapelen. Het gebruik van de eigen afwijkende Schuitema-pallet leidde tot veel extra handling en dus extra kosten in de keten. In het ideale scenario, zo blijkt uit het onderzoeksproject, gebruikt de hele keten dezelfde pallet en gaan de goederen zoveel mogelijk in volle pallets door de keten.

Nog geen werkelijkheid

Vijftien jaar later is dat ideale scenario nog altijd geen werkelijkheid . Van een gesynchroniseerde keten is nog lang geen sprake, terwijl dit mede dankzij de verder ontwikkelde IT-systemen geen probleem meer zou mogen zijn. Een belangrijke reden is de hevige concurrentiestrijd in foodretail. In deze sector met zijn lage marges moeten foodretailers hard knokken om een procentje marktaandeel te winnen. Onder dergelijke omstandigheden zijn bedrijven terughoudend in het delen van informatie met hun leveranciers, die immers ook aan hun concurrenten leveren.\\

‘Goede ketenregie vraagt om visie en macht’

De vraag is daarnaast hoe goed die informatie is. Welke partij weet bijvoorbeeld wat de handling van één pallet kost? Het inzicht in logistieke kosten is vaak beperkt. Vijftien jaar geleden was het lastig om dergelijke informatie uit de IT-systemen te krijgen, maar dat mag vandaag de dag geen excuus meer zijn.

Prijs teveel voorop

Zelf ben ik afgestudeerd op het onderdeel transparantie in de keten. Het recente fipronil-schandaal leert dat dit thema nog steeds relevant en tegelijkertijd een grote uitdaging is. Voor een belangrijk deel heeft dat te maken met de toenemende complexiteit in ketens die internationaler worden.

Foodretailers tellen bovendien honderden leveranciers, waarvan een groot aantal zijn logistiek heeft uitbesteed. Het maken van bilaterale afspraken met al die partijen is onbegonnen werk. Zeker als inkooporganisaties een rol spelen in de onderhandelingen met leveranciers. Zelfs als de winst van meer logistieke samenwerking klip en klaar is, ligt de focus in de onderhandelingen voornamelijk op de prijs.

Starten met ketensynchronisatie

De opkomst van e-commerce dwingt retailers nu om alsnog meer werk te maken van ketensynchronisatie. Elke foodretailer heeft inmiddels een online verkoopkanaal opgestart, maar zelfs marktleiders als Albert Heijn en Jumbo hebben grote moeite om dat kanaal winstgevend te krijgen. Ondertussen betreden nieuwe spelers met nieuwe logistieke concepten het online speelveld. Een voorbeeld is Picnic, dat erin is geslaagd een efficiënte logistieke operatie met weinig verspilling en weinig voorraadrisico op te zetten. Wie in foodretail succes wil hebben met e-commerce, zal meer informatie moeten delen en nauwer met leveranciers en dienstverleners moeten samenwerken.

Andere argumenten om met ketensamenwerking aan de slag te gaan zijn duurzaamheid en het dreigende tekort aan mensen. In een artikel van 11 oktober op Logistiek.nl werd gesteld dat reductie van vervoerskilometers en betere benutting van de beschikbare capaciteit meer dan ooit klemmende vraagstukken zijn. Een betere benutting staat of valt met betere samenwerking in de keten, maar die samenwerking is nog lang geen vanzelfsprekendheid. Helaas zijn veel bedrijven in de logistiek nog altijd hoofdzakelijk intern gericht en blijft de samenwerking met externe partners een lastig punt, concludeert het artikel.

Ononderbroken datastroom

De randvoorwaarden voor succesvolle ketensamenwerking zijn nu aanwezig. De ontwikkelingen op het gebied van informatietechnologie – denk aan cloud-technologie – maken het makkelijker dan ooit om bedrijven te koppelen en door de hele keten een ononderbroken digitale informatiestroom te realiseren. Nieuwe technologieën zoals het ‘semantic web’ en blockchain maken dat in de toekomst alleen nog maar gemakkelijker.

IBM maakte onlangs bekend samen met bedrijven als Wal-Mart, Unilever en Nestlé een blockchain op te zetten om de voedselveiligheid te verbeteren.

De data die we tot onze beschikking krijgen, kunnen we nu gemakkelijker, goedkoper, sneller en beter verwerken en analyseren dan voorheen. Door toepassing van kunstmatige intelligentie kunnen we complete processen automatiseren en daardoor versnellen. Als ketenpartners inzicht in elkaars voorraden geven, kunnen we de totale voorraden in de keten verlagen en werkkapitaal vrijmaken. Het wordt tijd dat we de stap maken naar een volledig data gedreven bedrijfsvoering.

Laat geen kansen liggen

De voordelen van ketensamenwerking zijn bekend: lagere voorraden, minder verspilling en minder handling. Een ander voordeel is de grotere flexibiliteit en responsiviteit: de ketens waarin partners nauw samenwerken, kunnen sneller inspelen op veranderingen in de markt. Logistiek dienstverleners spelen daarbij een cruciale rol: zij krijgen toegang tot steeds meer data, waarmee ze hun toegevoegde waarde in de keten kunnen vergroten door goederenstromen van meerdere leveranciers te bundelen. Met dit soort concepten kunnen ketens hun concurrentiepositie versterken. Kortom: wie niet met data aan de slag gaat, laat kansen liggen.

Auteur Joke Vink is senior consultant bij Groenewout

Permachill koeltechniek verlengt houdbaarheid in agf-keten

Permachill koeltechniek, ontwikkeld door het Wageningse voedselinnovatie bedrijf TOP bv, koelt op een stabiele manier, waardoor overal in de koelruimte dezelfde optimale temperatuur van net boven de nul graden heerst. Hiermee blijft de kwaliteit van agf-producten langer goed en is er minder derving dan bij conventionele koeltechnieken.

,,Permachill is geschikt voor eigenlijk alle schakels in de keten van agf-producten, aangezien bij alle schakels koeling een rol speelt. Hoe stabieler de koeling door de hele keten heen is, hoe significanter de houdbaarheidsverlenging. De koeltechniek is dus geschikt voor een opslagruimte, transportcontainer, productieruimte en ook in bijvoorbeeld een transportband bij een agf-verwerker”, vertelt Dennis Favier van TOP bv.

De koeltechniek van Permachill gebruikt de wanden van de ruimte als koelelement. Hierdoor worden producten gelijkmatig gekoeld en koel gehouden. Zo is de meest optimale temperatuur haalbaar: voor veel agf-producten net boven de nul graden, zonder kans op bevriezen. Het product gaat in feite in ‘winterslaap’ en blijft daardoor dagen langer goed.

Naast kostenbesparing door minder derving en betere productkwaliteit wordt het logistieke proces flexibeler. Zo behoort gecentraliseerde productie tot de mogelijkheden en is een groter afzetgebied dus nieuwe markten en potentiele groei mogelijk. Permachill verbruikt het systeem minder energie dan conventionele koelmethoden en draagt bij aan de verduurzaming van de keten.

Bereken zelf de houdbaarheidswinst

TOP bv introduceert een bijbehorende webapp (online calculatiemethode) op www.permachill.eu. De app berekent de potentiele houdbaarheidswinst met Permachill koelen op agf producten. Zo is bijvoorbeeld het verschil te zien tussen de houdbaarheid van sla in conventionele koelopslag en bij Permachill opslag: de houdbaarheid gaat 3 dagen vooruit. Potentiele gebruikers van het systeem kunnen hiermee inzien wat het voor hun bedrijf kan betekenen.

www.permachill.eu

permachil logo v0.5

 

  Kennis- en innovatieplatform voor de agrifoodketen ©2018 Ria Besseling