Agrifoodclicks

Yuka app voor gezonde producten krijgt steeds meer aanhangers

Yuka 56823215_706629083086532_8311052040369340416_nYuka, een Franse app die de gezondheidsscore van producten aangeeft, krijgt steeds meer aanhangers. Wereldwijd raadplegen al 11,5 miljoen consumenten de gratis app.

Yuka scant met de smartphone de streepjescode van een product en toont dan een gezondheidsscore, aangevuld met kleurcodes. Producten krijgen punten voor de voedingskwaliteit op basis van calorieën, suiker, zout, verzadigde vetten, eiwitten en vezels , voor de afwezigheid van al dan niet schadelijke additieven en voor het al dan niet biologisch zijn van het product. Yuka vermeldt nu 450.000 producten.

De app is nog niet beschikbaar voor de Nederlandse consument. De Belgische klant kan Yuka sinds dit voorjaar in het Frans of het Engels raadplegen. Er zijn nu ongeveer  250.000 Belgen die de app op hun smartphone hebben.

Yuka telt in totaal ruim 11,5 miljoen gebruikers in Frankrijk, België, Zwitserland, Luxemburg, Spanje en Groot-Brittannië. Eind dit jaar volgen de VS en Canada.

Nutri-Score 30739332_1197247207073121_2009777964174016512_o

Nutri-Score

Ook Nutri-Score geeft de klant inzicht in de gezondheidsscore van een product. In Belgie is dit voedsekeuzelogo nu een jaar in gebruik, in Nederland is discussie over het al dan niet invoeren van het logo. Voedingsfabrikanten aarzelen, maar de supermarkten zien het etiket graag op producten in de winkel. Volgend jaar moet duidelijk zijn of Nutri-Score op de verpakkingen komt.

Albert Heijn online  

Albert Heijn wil dit najaar beginnen met vermelding van Nutri-Score op het online-assortiment. Dit om te kijken wat de reacties van klanten zijn en of Nutri-Score hen helpt een gezondere keuze te maken. Alle eigenmerk-producten op ah.nl krijgen na de zomer het Nutri-Scorelogo. Daarna wil Albert Heijn starten met productcategorieën in de winkel waarbij klanten graag geholpen worden met een gezondheidslogo zoals zuivel en ontbijtproducten.

Albert Heijn pleit sinds vorig jaar voor een landelijke invoering van de Nutri-score in Nederland na positieve ervaringen van zusterbedrijf Delhaize in België. “Sinds de afschaffing van het Vinkje mist een helder voedselkeuzelogo waarmee klanten worden geholpen als ze bij het schap staan”, vertelt Anita Scholte op Reimer, hoofd kwaliteit en duurzaamheid.  “Albert Heijn heeft diverse systemen bekeken en is een groot voorstander van de Nutri-score. Dit logo informeert klanten op een gedegen, duidelijke en volledige manier over de nutritionele waarden van het product. Het zou mooi zijn als dit logo wordt omarmd door de overheid, het bedrijfsleven en andere betrokken partijen.”

 

Jutter Speijs wordt Wundermart en wil versterken in retail

Jutter Speijs verandert haar naam in Wundermart en gaat technologie leveren voor exploitatie van onbemande winkels in de hospitality- en de kantorenmarkt. Het concept, een combinatie van out of home en retail, bestaat nu drie jaar en telt 14 locaties. Wundermart maakt zich als technologieleverancier op voor een verdere uitrol.

Wundermart logo 67291601_1303184666511918_6504450257206640640_n

Met de wijziging verwacht Wundermart haar positie in retail te versterken en de groei te versnellen. Zo moeten er over enkele jaren wereldwijd rond de duizend Wundermart winkels zijn.

Wundermart wil haar klanten met de app My Wundermart ondersteunen in het beheer van de onbemande winkel. De app geeft de retailer inzicht in het dagelijks ondernemen van de locatie, hij kan ook wijzigingen in assortiment, promoties en prijs doorvoeren.

De klanten van de onbemande winkels kunnen de klok rond zelf een drankje of gezonde snack kopen via een zelfscaninterface. De leveranciers in het platform vullen de schappen aan en Wundermart zorgt voor de dagelijkse kwaliteitsborging..

“We zijn ook in kantoren actief, maar blijven focussen op de hotelsector”, vertelt Patrick Dekker, een van de eigenaren. Wundermart zou ook in andere sectoren zoals onbemande tankstations een plaats kunnen krijgen, “maar service blijft belangrijk. De huidige winkels in hotels staan dan ook onder beheer van de receptie”, aldus Dekker die samen met Laurens de Kleine met het concept is verkozen tot een van de negen RetailRookies van 2018-2019. De Kleine: “Mogelijke nieuwe markten na deze focus zijn ziekenhuizen en universiteiten”.

De winkels variëren sterk in oppervlakte, “van een 20 m2, in feite een uitgebreide vendingmachine, tot locaties van 40 tot 60 m2. De meeste zijn te vinden in hotelketens rond Amsterdam, zoals NH Hotels, Tulip, Crown Plaza, Artemis. En binnenkort ook in hotels in Hilversum, Utrecht en The James in Rotterdam. Een eerste kantoorvestiging is ingericht in het Amsterdamse Adam Smith Building”, aldus Patrick Dekker.

Grab&go

 JutterSpeijs AdamSmithBuilding kantoorlocatie Jutter Speijs 3-3000 

Het basisassortiment van de onbemande winkels is ingericht met grab&go producten. In de shop zijn de hele dag eten en drankjes verkrijgbaar. De klant kiest zelf en betaalt met zelfscan.
Diverse producten zoals soepen, pannenkoeken en borrelplankjes liggen onder het eigen merk in de schappen. Er is nu ook een ontbijt voor hotelgasten verkrijgbaar. Dat vergt enige handling zoals het afbakken van croissants en muffins en het bedienen van het koffie apparaat. Beleg en zuivel zitten in portieverpakkingen.

“We zien dat de behoefte aan vers groeit. Zo heeft de locatie in het Adam Smith behoefte aan salades en verse yoghurts met granola. Deze dagverse producten worden aangeleverd door cateraar Meinders Catering in Badhoevedorp.  Lekkerland levert het basisassortiment.

 Dagvers ontbreekt tot nu toe, maar het toevoegen van dagverse producten van lokale ondernemers is zeker een optie. “We hebben zelf een oorsprong met ons kaasplankje met worstjes, kaas en mosterd dat we zelf ontwikkelden. We focussen  echter eerst op het finetunen. Vervolgens komt verbreden van het aanbod in de shops aan de orde”, legt Dekker uit.

Telers leveren eigen aardappel voor friettenten Pieperz

 Tiger Pieperz gaat ook naar retail en horeca

Pieperz _VDV1663 

De friettenten van Pieperz serveren nu bijna een jaar ambachtelijke versgebakken friet in de schil van een eigen aardappelras. De formule betrok van veredelaar HZPC vorig jaar het ras Tiger en zette een eigen keten op voor de verse friet. Nu die keten staat lonken de schappen van de supermarkt en de horecafrituur.

Telers Dirk Beuling in Emmeloord en Ralph Kunz van Agrarhandel Kunz in Eich in de Pfalz gaan het nieuwe seizoen van de frietaardappelen veelbelovend in. “De aardappels zitten in de grond en de start lijkt goed. We zijn in Duitsland iets later dan we hoopten voor de vroege aardappels omdat het niet warm genoeg is en er veel regen is gevallen. Vorig jaar hadden we, ondanks de droogte, een prima opbrengst en goede sortering omdat het areaal onder beregening lag”, aldus Frank van der Geest, buitendienstmedewerker bij pootaardappelhandel HZPC.

Over de verwachtingen voor de opbrengst van dit jaar valt nog weinig te zeggen omdat het nog vroeg in het seizoen is. Aangezien de arealen weer onder beregening zijn gepoot wordt er meer verwacht dan de oogst van 2018, namelijk 50 ton per hectare van de geschikte sortering en een gemiddelde lengte van 100 mm.

De eerste hectares aardappels werden vorig jaar voor het eerste seizoen speciaal voor Pieperz geteeld op 8 hectare kleigrond bij teler Ko en Johan Scholtens in Marknesse en eveneens op bijna 8 hectare bij Dirk Beuling in Emmeloord. De eerste oogst was veelbelovend: de teelt van de Tiger consumptieaardappelen vond plaats in mooie gele klei en kende een goede opbrengst, ondanks de warme en droge zomer. De Tiger aardappel is bovendien heel lang in het seizoen beschikbaar – tot komende zomer.

Pfalz: vroeg teeltgebied

Werd er vorig jaar in Nederlandse polders gepoot, dit tweede seizoen ging ook in een teeltgebied over de grens van start. Zo is bij Dirk Beuling in Emmeloord opnieuw bijna 8 hectare Tiger Pieperz gepoot en ligt er nu bij collega-akkerbouwer Ralf Kunz van Agrarhandel Kunz in Eich in de Pfalz een perceel van 2,5 hectare.

Beuling heeft al langer ervaring met het ras. “Ik ben nu voor het derde jaar bezig met Tiger, het eerste jaar nog op enkele hectare”, vertelt de contractteler bij HZPC. “De ervaringen met Tiger zijn goed. En het is een mooi ander ras erbij, naast de Agria’s en Alverstone die ik teelt”. Over prijsafspraken en terugverdientijd laat hij zich niet uit.

Waarom nu in 2019 weer deze akkerbouwer en waarom een in Duitsland? “Beuling is een van de eerste telers die consumptieaardappelen van het ras Tiger heeft geteeld. Verder hebben wij Beuling ook ieder jaar voor ons Processing rassen demoveld”, verklaart sales key accountmanager Andrik Waalkens van HZPC.

“Kunz in de Pflaz is toegevoegd om dit jaar ook wat vroeger reeds Tiger consumptie-aardappelen beschikbaar te hebben voor Pieperz. De Pfalz is een vroeg teeltgebied. Zodoende hebben we snel weer nieuwe Tigers beschikbaar”.

De twee telers hebben hun teelten en teeltplan door de samenwerking met Pieperz niet hoeven aan te passen. Waalkens: “Wel is goede grond met beregeningsmogelijkheden belangrijk voor de samenwerking”.

Samen met Nedator en Oliehoorn

Tiger Pieperz is het resultaat van een project, opgezet met HZPC, groothandel Nedato en sausleverancier Oliehoorn. Met HZPC zijn rassen getest op smaak en er werden nieuwe rassen uitgeprobeerd. Waarom kwamen de partijen vorig jaar op Tiger uit? “We hebben destijds veel rassen en nog in ontwikkeling zijnde rassen in verschillende olie getest. Uiteindelijk bepaalt de consument en die vond uiteindelijk de Pieperz Tiger aardappel het lekkerste gebakken in Green-label olie van Oliehoorn”, vertellen Frank van der Geest en Pieperz-directeur Ton Verhoeven.

Pieperz _VDV9331  (foto’s: Pieperz) 

“We zijn met Pieperz begonnen om te proberen de lekkerste frieten te bakken en zijn op zoek gegaan naar bedrijven die ons daarbij zouden kunnen helpen. We kwamen erachter dat HZPC ontwikkelaar is van de aardappelrassen voor onder andere McDonalds en Lay’s en hebben hen gevraagd wat van belang is voor een lekker frietje, aldus Verhoeven over de aanloop naar de samenwerking. Een groot gedeelte van de smaak betreft de aardappel, maar ook de olie is van groot belang. “Derhalve kwamen we uit bij Oliehoorn. Zowel HZPC als Oliehoorn vonden het een leuke oefening om dit mee uit te zoeken”.

Het ras Tiger Pieperz met zijn goede drogestofgehalte en prima smaak heeft geschikte eigenschappen voor de friet. De aardappel heeft een grove sortering om lange frieten te krijgen. Om voor de frieten knapperig van buiten en romig van binnen te blijven is een gelijkmatige droge stofverdeling van groot belang.

Herkenbaar voor consument

 Oorspronkelijk begon HZPC met Pieperz met een ander ras, Challenger, “maar we wilden voor Pieperz ook graag een herkenbaar ras voor de consument. De Pieperz Tiger aardappel heeft een herkenbare schil met tijgermotief, vandaar de naam Pieperz Tiger”, aldus Verhoeven. “Het gaat bij een goed frietje om de juiste eigenschappen van de aardappel of zoals Jamie Oliver het na het proeven van ons product aangaf: “crunchy from the outside en creamy from the inside”ofwelromig aan de binnenkant en krokant aan de buitenkant”.

“Naast raseigenschappen is het telen en verwerken van de aardappels van groot belang. De gronden van de voormalige zeebodem in de Flevopolder zijn daarvoor uitermate geschikt. De uniforme bodem en kleigrond maakt de aardappelen beter bewaarbaar. Kleigronden geven de aardappelen meer inhoud en body. Daardoor zijn ze wat sterker en langer te bewaren.

“In Nedato hebben we een partner voor opslag, wassen en verpakken van de aardappels. Worden ze te hard gewassen dan beschadigen ze en gaat de bakkwaliteit achteruit. Zijn ze niet goed genoeg gewassen dan zorgt dat voor werk bij Pieperz zelf en daar zitten we ook niet op te wachten”, weet Verhoeven.

Naar commercieel

Er is een speciale aardappel voor Pieperz ontwikkeld. Dit is een proces van jaren. Op welke wijze wordt dit terugverdiend? “We zijn vroegtijdig aangehaakt bij een in onze ogen superster voor de toekomst. Het ras zal uiteindelijk commercieel ook voor fabrieken mogelijk een rol van betekenis gaan spelen”, aldus Van der Geest.

 Over het contact met Pieperz en de keten via HZPC en Nedato en prijsafspraken die  zijn gemaakt laat hij weten: “We werken vooral samen om veel van elkaar te leren. De consument staat daarbij centraal. We gunnen elkaar ook een goede prijs. De telers telen tegen een vaste vergoeding of voor een afgesproken prijs, Nedato en Pieperz maken op dezelfde wijze afspraken op basis van voor wat hoort wat. Er vinden geen onderhandelingen plaats. Iedereen berekent wat fair is”.

En wat vinden de telers zelf van de friet? Dirk Beuling: “Het is een frietaardappel met een prima smaak. Dat weet ik omdat ik zelf ook friet bak”.

Verhoeven: “Over smaak valt niet te twisten, maar de telers die wij kennen vinden de frieten heerlijk, zeker met lekkere mayonaise van Oliehoorn. Ze smaken het lekkerst als ze worden gegeten in de friettenten van Pieperz die zijn uitgevoerd in een sfeer die misschien het beste kan worden beschreven als een etalage van het boerenleven met trekkerneuzen, oude aardappelrooiers en lampen gemaakt van aardappelmanden”.

 Niet exclusief

De frietaardappelen eindigen bij de vestigingen van Pieperz als dik gesneden friet met schil in de frituur voordat de klant ervan gaat genieten. Pieperz werkt op deze manier met een korte keten en een nieuw ras, maar dit blijft zoals gezegd niet exclusief voor Pieperz. Tiger Pieperz zal uiteindelijk een commercieel ras worden.

De eigenaar van de Pieperz-frietketen: “Onze exclusiviteit wordt geborgd door de kwaliteitseisen die we stellen en de kwaliteit van de friet die we zelf serveren en leveren aan restaurants. Het gegeven dat een fabriek stappen in het proces heeft zitten waardoor de smaak toch anders wordt dan de door Pieperz vers gesneden en voorgebakken friet geeft ons voldoende comfort. Restaurants en fijnproevers weten dit en waarderen dit ook”, is zijn ervaring.

“Het accent van ons eindproduct ofwel vers gebakken friet in de schil, ligt op de aardappelsmaak en de bereiding in goede frituurolie. En niet alleen de teelt, ook het proces van opslag en wassen – niet te hard, want we verkopen friet in de schil – en afleveren is belangrijk voor de kwaliteit van ons product. Het blijkt wel dat echt verse friet lekkerder is dan verse fabrieksfriet, gezien de tweede plaats waarmee we in de AD Friettest eindigden”.

 

Sterke keten is basis voor uitrol eigen merk

Pieperz-voorman Ton Verhoeven hecht aan de opbouw van een sterke keten door samenwerken. ”We willen samen met de teler produceren voor een goede beschikbaarheid, kwaliteit en fatsoenlijke prijs. Een sterke eigen keten en een eigen merk geven mogelijkheden om het product op meer manieren in de  markt te zetten”.

Pieperz als ambachtelijke frietformule is volop in ontwikkeling. Er zijn nu vestigingen in Veghel, Eerde en Eindhoven. Eind mei opent de vierde  locatie in Oosterhout en eind juni volgt de vijfde in Strijp-S in Eindhoven. Verhoeven wil in de komende jaren naar een uitrol van vijftig locaties. 

Retail en horeca

Maar de formule-eigenaar heeft meer plannen met Pieperz Tiger: een uitrol van het eigen merk. Naast de frituur van de Pieperz locaties lonken ook de schappen van de supermarkt.  “We zijn nu in samenwerking met Nedato bezig om te kijken of we de Pieperz aardappel ook in consumentenverpakking in retail aan de klanten kunnen gaan leveren voor thuisbakkers. Binnenkort kunnen we de voorgebakken Pieperz frieten ook via de Sligro aan restaurants uitleveren.”

Wasteless gaat bij Marqt klanten helpen bij versverkoop op basis van THT

Wasteless

Wasteless gaat deze zomer in de 18 winkels van Marqt aan de slag met een Dynamic Pricing oplossing voor versproducten. Klanten van Marqt kunnen met het systeem producten tegen de houdbaarheid goedkoper inkopen. Ze dragen zo bij aan het terugdringen van voedsel verspillen. Wastelesse, ook beschikbaar voor Belgische supermarkent, is nu in bedrijf bij de Italiaanse supermarkten van Iper.

Het systeem van Wasteless, gebaseerd op een slim algroritme, prijst versartikelen af naarmate ze dichter bij de uiterste houdbaarheidsdatum komen. Klanten kunnen aan de hand van de prijs op de digitale prijskaartjes goedkoper vers inkopen, terwijl retailers de winst op deze producten kunnen maximaliseren, rekening houdend met de actuele vraag.

Volgens ReFED, voedselverspillingsplatform in de VS, is de inkoopwaarde van verspild voedsel in retail ongeveer het dubbele van de totale winst op voedselverkopen. Oplossingen die verspilling voorkomen, zoals dynamische prijzen, bieden het allerhoogste winst potentieel.

Marqt: voedselketen verduurzamen

Tjibbe Bouma, directie-lid vanMarqt: “Marqt wil haar impact vergroten, daar zijn groei en innovatie voor nodig. Ondernemen vanuit de duurzame missie van Marqt vraagt om leiderschap op dit gebied. Wij willen verdere stappen zetten om devoedselketen duurzamer te maken”.

“Wij waren direct overtuigd van de mogelijkheden die Wasteless biedt om de keten  duurzamer te maken en verspilling tegen te gaan. En consumenten te belonen voor een duurzame keuze, door producten met een kortere houdbaarheid te verkopen tegen een lagere prijs. De eerste resultaten bij de Italiaanse foodretailer Finiper met 220 vestigingen bieden veel vertrouwen en wij hebben samen met onze IT-leverancier Centric besloten om de benodigde ontwikkelingen in onze systemen door te voeren.”

Gian Maria Gentile, CTO Finiper: “Wasteless heeft in de 6 weken dat wij live zijn op de gevogeltecategorie de verspilling met 89 procent teruggebracht en de bottom line met 25 procent doen toenemen. Onze klanten pasten hun koopgedrag vanaf de eerste dag aan en begrepen dat zij voordeel kunnen krijgen door producten met een kortere houdbaarheid te kopen, als zij deze binnen een paar dagen gaan eten. Wasteless is simpel voor de klant, zeer nuttig voor de producent en verhoogt de marge voor de retailer.”

Over Wasteless

Wasteless  is een turnkey oplossing voor voedselverspilling van food retail die de winstgevendheid van een supermarkt verhoogt op basis van optimalisatie van de prijsdalingen op basis van houdbaarheidsdatum. Supermarkten verkopen meer en verspillen minder door gebruik te maken van geoptimaliseerde prijsverlagingen. Consumenten kunnen kiezen hoeveel ze willen betalen voor een product op basis van houdbaarheidsdatum. 

Moslim consument zoekt inspiratie in de keuken

Een kwart van de wereldbevolking is moslim. In België is dit 15 procent en in Vlaanderen 10 procent. Deze percentages groeien sterk en marketeers en producenten dienen voldoende oog te hebben voor deze moslimconsument. Dit kwam naar voren tijdens het tweede seminar van VLAM over etnomarketing tijdens de land- en tuinbouwbeurs Agriflanders in Gent. Drie sprekers over de kansen die de moslimconsument biedt voor Belgische –  en Nederlandse – ondernemers.

1.Het diepte-onderzoek ‘De moslimconsument: voedingsgedrag en aankoopgewoonten’ door Lies Vandaele, Research director bij Ipsos.
Om te kunnen inspelen op de onbenutte marktopportuniteiten die de moslimconsument biedt, moeten we de moslimconsument beter leren kennen. Dit doen we door de attitudes, motivaties en barrières ten aanzien van versproducten in kaart te brengen en te onderzoeken hoe we deze doelgroep het best kunnen bereiken. Om inzicht te krijgen in het feitelijke koopgedrag van de moslim voornaamste verantwoordelijke voor aankoop volgden we hem en haar op hun shopping trip. Diepte-interviews gaven inzicht in de houding tegenover voeding in het algemeen en versproducten in het bijzonder.

Welke factoren bepalen de eet- en kookgewoontes?
Hoe moslims omgaan met eten en koken is het resultaat van verschillende invloeden die we kunnen onderbrengen in vier groepen: de stad/omgeving waarin ze leven, de cultuur van het land van herkomst, de religie en de sociaaleconomische situatie.

We zien ook dat hoe beter de sociaaleconomische situatie is, hoe vrijer mensen omgaan met de invloeden en de inspiratie van buitenaf. Het aanbod van de inspiratie wordt dan weer bepaald door de omgeving waarin ze leven.

Het is belangrijk te begrijpen dat religie niet hetzelfde is als culturele afkomst. Bij religie gaat het om regulerende principes die meegegeven worden vanuit de islam, maar ook de strekking waartoe ze behoren en de persoonlijke manier waarmee ze met deze regels omgaan. Bij de culturele afkomst gaat het over familietradities, smaken en voorkeuren die gelinkt zijn aan de streek/het land waar ze vandaan komen.

Evolutie naar hybride eetcultuur

De traditionele eetcultuur van Turkse en Marokkaanse Belgen evolueert naar een hybride eetcultuur, een mix van elementen uit het land van herkomst met elementen uit de West-Europese voedingscultuur. Vooral door de week komen ze tot een eetpatroon dat ‘Vlaams’ gestructureerd is. In het weekend wordt er traditioneler gekookt en wordt meer tijd genomen om samen te eten.

 

Moslim cons vers ass

Moslimconsumenten doen moeite om vers te kopen. Het is de manier om naasten gezond te voeden en liefde te tonen.

Prijs, versheid en hoeveelheid zijn belangrijk

Er wordt moeite gedaan om ‘vers’ te kopen en te eten. Het is de manier om je naasten gezond te voeden en je liefde te tonen. Voorraad (genoeg in huis hebben) blijft ook belangrijk. Er moet altijd voldoende voorraad zijn om te kunnen koken voor iedereen die in huis is of op bezoek is.
De moslim is prijsgevoelig en maakt daarnaast vooral een afweging tussen vertrouwde smaak en kleur enerzijds en de mogelijkheid om te bewaren anderzijds. Er wordt vaak in grote hoeveelheden gekocht.

De afkomst van de producten speelt mee bij de aankoopbeslissing. Hierdoor heeft lokaal wel een betekenis, zij het impliciet. Er is vooral openheid voor lokaal aankopen als het gaat over producten die typisch Belgisch zijn of hier goed kunnen groeien en ook over het gevoel dat het van de boer komt, dat je dat kunt zien, voelen en ruiken.
‘Bio’ is dan weer geen garantie die moslims voor waar aannemen; er is zelfs argwaan tegenover het biolabel. De Marokkaanse en Turkse consumenten vinden bioproducten eigenlijk te duur. Versheid is voor hen een veel belangrijker aankoopcriterium dan milieubewust. Bewust seizoensgebonden kopen doen ze zelden. Ze gaan er van uit dat alle producten het hele jaar door beschikbaar zijn en willen ze ook altijd kunnen kopen.

Religie en kookkunst

De voedselconsumptie vertoont pieken rondom belangrijke religieuze rituelen, zoals de ramadan. De tradities vervagen, maar de voorkeur voor verse producten en het aanleggen van een ‘strategische’ voorraad blijven. De moslimeetcultuur is iets traditioneler.

Uitgebreid voorbereiden van de maaltijd maakt deel uit van de cultuur. Gemak wordt dikwijls gehaald door het invriezen van restanten en maaltijdcomponenten die men later kan gebruiken. Verder is men erg zintuiglijk ingesteld: niet alleen de smaak maar ook de kleur en de geur die een groente of fruit aan een gerecht kan toevoegen, zijn erg belangrijk.

Halal of religie is vooral van belang voor vlees en kaas, yoghurt en heeft veel te maken met vertrouwen. Halal aankopen gebeurt vooral bij de slager en in de etnische winkel. Voor een aantal is een halalaanbod in de supermarkt zeker te vertrouwen. Dit vertrouwen moet echter nog groeien. Dit kan enerzijds door een verdere stijging van de reputatie van het (huis)merk en door een grotere aftrek van deze producten door andere moslims. Bij kaas en yoghurt is duidelijke productinformatie van belang en bepaalde apps helpen in de zoektocht naar de juiste producten.

Colruyt Laagste prijzen en Lidl favoriete winkels

Versheid, hygiëne en prijs bepalen vooral de keuze voor de winkel. De moslimklant is prijsgevoelig en kiest daarom voor winkels die een lageprijspolitiek hanteren. Supermarkten worden bovendien als hygiënisch gezien. In Belgie zijn Colruyt en Lidl daarom de favoriete winkels: er is een ruim aanbod en het is er netjes. Naast de droge voeding worden hier ook verse producten als kaas, fruit en groenten gekocht.

2. Hoe kan retail inspelen op de behoeften van de moslim?
De multiculturaliteit bij Colruyt Laagste prijzen werd belicht door Marieke Myngheer, Productgroepmanager van Colruyt. Zij neemt ons mee in de multiculturele veranderingen voor de Colruytklant.

Dierlijke bestanddelen in veel producten, onduidelijke (halal)definities, lange lijsten van E-nummers en de eigen voorkeuren stellen de moslimklant voor keuzeproblemen. Hoe vindt de moslimconsument zijn weg in de winkel?

Colruyt geeft met ‘etnoproof’ een oplossing voor klanten met verschillende levenswijzen. Met duidelijke iconen voor vegetarische, veganistische en alcoholvrije producten zorgt ‘etnoproof’ voor eenvoudige oplossingen en goede vindbaarheid. De app Mycolruyt is een handig instrument om de keuze voor de multiculturele klant te vergemakkelijken en komt hiermee tegemoet aan het keuzeprobleem van de moslimconsument.

In het profiel van MyColruyt-app geeft de klant zijn favoriete voorkeur en/of levensstijl aan. Hij vinkt aan of hij graag glutenvrij, lactosevrij, vegetarisch, veganistisch, alcoholvrij en/of halal wil eten, en via een groene duim bij de producten weet de klant meteen of deze geschikt zijn en voldoen aan zijn keuze. Deze iconen zijn binnenkort ook terug te vinden op de huismerken van Colruyt. De klant hoeft dan niet meer ellenlange ingrediëntenlijsten  te lezen, maar ziet in één oogopslag of het product aansluit bij de gekozen voorkeur. Colruyt zet ook in op herkenning en lanceerde een 40-tal specifieke producten voor de moslimconsument. Dit productassortiment gaat van couscous over thee tot verse kazen.

3. Hoe pak je de nieuwe consument aan?
De moslimconsument biedt een enorm potentieel. Dat vertelde Rachid Lamrabat van het etno- communicatie- en marketingbureau, Tiqah. De moslimgemeenschap vertegenwoordigt 15% van de Belgische bevolking en groeit continu. Dit komt hoofdzakelijk doordat de moslimgemeenschap een jonger leeftijd (29 jaar) heeft ten opzichte van niet-moslims (32 jaar). Door deze jongere leeftijd hebben moslims gemiddeld meer kinderen (3,1) dan de autochtone bevolking (1,9). De Belgische moslimgemeenschap bestaat hoofdzakelijk uit Marokkanen (46 %) en Turken (26 %). Ook mensen met een Arabische, Pakistaanse, West-Afrikaanse achtergrond zijn een groeiende groep.

De islam is een ‘way of life’. Het geeft de mens vrede in het hart. Het is een remedie voor negatieve emoties zoals jaloezie, verdriet en woede. Het begeleidt de moslim in het alledaagse leven en de islam maakt deel uit van de identiteit. In essentie betekent moslim zijn in België het volgende: harmonieus leven in synergie met zichzelf en de anderen rondom zich.

De islamitische identiteit kan gedefinieerd worden aan de hand van het winkelkarretje. Geen alcohol, geen producten op basis van varkensvlees, geen additieven van dierlijke oorsprong en geen naakte figuren op verpakkingen. Enkel producten die voldoen aan de halalregels.
De moslim zit vaak gevangen tussen twee culturen en heeft het gevoel niet aanzien te worden als volwaardig lid van beide culturen. Er is een sterke focus op familie. Beschermend en reactief jegens potentiële bedreigingen tegenover de familie in het algemeen en de kinderen in het bijzonder.
Lamrabats betoog was er een van wederzijdse kennis en vertrouwen. Het opbouwen van ‘trust’ is essentieel om moslims te benaderen. Om vertrouwen op te bouwen moet men elkaar eerst leren kennen. Als marketeer volstaat het niet om enkel de verpakking of de communicatie aan te passen naar deze doelgroep. Je moet de moslimconsument leren begrijpen en aangepaste producten voor hem ontwikkelen.

Gemak is een belangrijke trend voor de moslimgemeenschap. Het zijn vooral de moslims van de derde generatie in België die gemaksproducten kopen en naar de supermarkt gaan. Hun grootouders kopen nog het liefst rechtstreeks bij de boer. De vertrouwensrelatie tussen hen en de boer is essentieel en overstijgt het halallabel.

Communicatie moet inspireren

Communicatie naar de moslimconsument moet inspireren: nieuwe dingen leren kennen, gerechten tonen en tips geven. Maar het is niet nodig om producten in traditionele Turkse of Marokkaanse gerechten te plaatsen. Ze staan open voor de Vlaamse cultuur.
Communicatie moet niet integreren of assimileren: de diversiteit in de doelgroep is groot. Dus als je de ene aanspreekt, kan het voor de ander als ‘niet voor mij’ gezien worden. Omdat eten zo belangrijk is, is deze groep ook via vele kanalen te bereiken, zowel push als pull en zowel online als offline.

Vleeswarenfabrikanten Kips en Stegeman schakelen naar vega

Vleeswarenfabrikanten Kips en Stegeman schakelen naar de vegetarische markt. Kips zet met vegetarische vleeswaren de stap naar vegan, terwijl Stegeman Vollof vleeswaren met een aandeel groenten lanceert. Beide fabrikanten spelen in op de markt van vleesvervangers die een sterke groei laat zien. De consumptie van vleeswaren en vleesproducten staat daarentegen onder druk.

Kips introduceert vier vega-producten: vegetarische leverworst, paté, smeerleverworst en filet americain. Het is het eerste vega assortiment van het leverworstmerk. Vanaf eind dit jaar ligt het een jaar lang exclusief in de schappen van Albert Heijn.

Kips kleintje smeerworst vegaKips filet americain vega

 

 Kips speelt met de vega-producten in op veranderende consumentengewoonten. Jo-Anne van der Laan: “Wij constateren al geruime tijd dat de consumptie van vlees jaarlijks iets terugloopt. Flexitariërs kiezen ervoor af en toe geen vlees te eten. Wij spelen daarop in door nu ook vega-producten onder het Kips-merk te brengen. Daarbij mikken we op een brede doelgroep; ook vegetariërs en veganisten, want er zitten geen dierlijke eiwitten in deze nieuwe Kips-producten.”

Vollof met 30 procent groenten

Stegeman lanceert Vollof, een reeks nieuwe vleeswaren met 30 procent groenten: boterham- en grillworst, gehakt, Gelderse gekookte worst, leverworst en filet americain. De producten zijn verkrijgbaar bij de grotere Albert Heijn-filialen en online via AH.nl. Begin volgend jaar komen hier drie producten bij: palingworst, kookworst en smeerleverworst.

Stegeman-Vollof Pop up

 Groente vervangt deels vet

De Vollof-producten bevatten tot 65 procent minder vet, maar zijn naar eigen zeggen net zo smakelijk en makkelijk in het dagelijks gebruik als vergelijkbare reguliere vleeswaren. Groente als gedeeltelijke vervanger van vet is het kenmerk van de nieuwe lijn traditionele vleeswarenproducten van Stegeman Vollof.

De Deventer vleeswarenfabrikant speelt met Vollof in op de groeiende behoefte van de Nederlandse consument aan verantwoorde voedingskeuzes die passen bij een evenwichtiger eetpatroon.Theo Toering van Stegeman: ‘Consumenten zijn zich steeds bewuster van wat ze eten en daar spelen we met Stegeman Vollof op in. We bieden de consument met Stegeman Vollof de mogelijkheid om te genieten van vleeswaren die echt aanzienlijk minder vet bevatten door hier groente aan toe te voegen.’

Bij de ontwikkeling van Stegeman Vollof was het de kunst om te zorgen voor minder vet, meer groente, vitaminen en vezels en tegelijk de smaakbalans te behouden. De producten bevatten eenderde aan groente – bij smeerleverworst is dat zelfs de helft – en tot zelfs 65 procent minder vet dan het marktgemiddelde.

Over Kips

Kips, onderdeel van Zwanenberg Food Group, produceert naast leverworst ook andere vleesproducten, snacks en vleeswaren. Zwanenberg Food Group is een voedingsmiddelenconcern met 1600 medewerkers en een omzet van circa € 400 miljoen.

Het concern produceert  soepen, sauzen en vegetarische producten.  Daarnaast exporteert Zwanenberg vleesconserven (onder andere onder de merknaam Zwan) naar meer dan honderd landen wereldwijd. Er zijn eigen productielocaties in Nederland, het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten.  

Over Stegeman

Stegeman levert vanuit de locaties in Deventer en Wijhe droge worsten, verpakte vleeswaren – voornamelijk onder private label, spreads, maaltijdcomponenten en vegetarische producten. Stegeman is sinds 2008 onderdeel van  Campofrio Food Group, vooraanstaand vleesverwerkende bedrijf in Europa en een van de vijf grootste vleesverwerkende bedrijven in de wereld. Campofrio is met acht verschillende business units actief in Europa en de VS. Deze zijn gevestigd in: Spanje, Italië, Portugal, VS, Duitsland, België, Frankrijk, Nederland en een joint venture in Roemenië.

CBL: supermarkten hebben beperkte rol in versketens

 De landbouwbegroting voor 2019 van het nieuwe ministerie van LNV brengt veel  discussie over ketens en goede prijzen voor de boer op gang, verwacht het CBL. Volgens de supermarktorganisatie zijn die ketens vaak ingewikkelder ingericht dan wordt gedacht. Supermarkten hebben voor het grootste deel geen invloed op de prijs die een boer krijgt voor zijn producten.

 Supermarkten stellen duidelijke eisen aan hun leveranciers. Alle producten voldoen aan alle wettelijke eisen. Daar bovenop werken supermarkten ook met bovenwettelijke eisen voor hun leveranciers. Het gaat daarbij bijvoorbeeld om het gebruik van extra kwaliteitskeurmerken. Als het product ook voldoet aan deze bovenwettelijke eisen, kan het een keurmerk krijgen. Hoog scorende keurmerken zijn bijvoorbeeld Beter Leven Keurmerk, Fairtrade, ASC, MSC, UTZ, Milieukeur en Weidezegel.

“Vaak wordt de voedselketen voorgesteld als een zandloper, met in het midden slechts een handje vol supermarkten die allesbepalend zouden zijn”, vertelt Marc Jansen, directeur CBL. “Wij hebben voor een aantal ketens in beeld gebracht hoe de volumestromen lopen. Hieruit blijkt weer eens hoeveel de Nederlandse land- en tuinbouwsector exporteert. Op die hoogwaardige kwaliteitsexport is iedereen trots, ook wij. Maar Nederlandse supermarkten hebben hier voor zowel prijs- als kwaliteitseisen geen enkele invloed op.”

Zes ketens in beeld: export produktstroom domineert

Het CBL bracht zes ketens in beeld de appelketen, eierketen, tomatenketen, uienketen, varkensketen en zuivelketen. In deze laatste keten komt 30 procent van de totale productstroom van zuivelproducten in Nederland in de supermarkt terecht.  Het overige aandeel betreft export. De zuivelketen heeft tevens een grote reststroom, zoals wei uit kaasproducten. Van varkensvlees wordt ruim 80 procent geëxporteerd, van uien bijna 100 procent en van tomaten ruim 90 procent.

 

Supermarktenindeversketen CBL Ketenvisualisatie Varken Supermarktenindeversketen CBL Ketenvisualisatie Zuivel SupermarktindeversketenCBL Ketenvisualisatie Tomaat

 

 

Het Vinkje mag niet meer, pleidooi voor Nutri-Score

 

Tekst: Ria Besseling

Voedingswaardelabels: trekt ieder land zijn eigen plan?

Europese foodfabrikanten zijn nu bijna twee jaar verplicht om de voedingswaarde op het etiket van voedingsproducten te vermelden. Deze etikettering betekent een mooie stap vooruit naar een uniforme Europese regelgeving. Maar qua vorm van het label en eventuele logo’s trekken diverse landen hun eigen plan. Gaat Nederland met Nutri-score de Fransen en Belgen achterna?

Nutri-Score 30739332_1197247207073121_2009777964174016512_o

Wat gaat Nederland nu doen? De voedingsindustrie gebruikte het Vinkje, maar dat mag dus binnenkort officieel niet meer op producten staan. Het wachten is op een besluit van VWS of er een ander logo moet komen. “Op dit moment zijn producenten die het vinkje gebruikten het logo aan het uitfaseren”, zegt het FNLI in een reactie. “Daarmee is er in Nederland geen voorkeursysteem meer voor additionele informatie over voedingswaarden. Omdat de meeste systemen genotificeerd moeten worden door de Nederlandse overheid bij de Europese Commissie in Brussel is VWS aan het onderzoeken wat de mogelijkheden zijn. Wij vinden verder onderzoek verstandig, omdat er nog onduidelijkheid is over wat consumenten het beste zou helpen en welk systeem het meeste draagvlak heeft in Nederland.”

Foodwatch heeft een oproep staatssecretaris Blokhuis van VWS gedaan om snel tot een standpunt over een nieuw onafhankelijk voedingslabel te komen dat het Vinkje op voedseletiketten moet vervangen.
De voedselwaakhond vindt Nutri-score – naast het Britse verkeerslichtsysteem – een goede kandidaat, mits het aan fabrikanten wordt opgelegd om op al hun voedseletiketten te vermelden.

De Consumentenbond is blij dat het Vinkje op voedselverpakkingen verdwijnt, maar wil dat er snel een alternatief komt. Consumenten hebben behoefte aan een logo dat gezonde keuzes makkelijker maakt, zo blijkt. De Consumentenbond legde ruim 1600 consumenten vier keer twee ontbijtgranen voor. Op het oog vergelijkbare producten, zijn niet altijd even gezond. Consumenten kozen vaker voor het gezondere product wanneer het Franse Nutri-Score logo of het Britse Verkeerslichtensysteem op de verpakkingen stond.  Zo’n 62 procent van de ondervraagde consumenten denkt met een voedselkeuze logo op de voorkant van verpakkingen  gemakkelijker een keuze te kunnen maken. Consumenten hebben bij een nieuw logo voorkeur voor kleurcodes. Zij willen ook dat een nieuw logo op gezonde en ongezonde producten staat  en dat het onafhankelijk van het bedrijfsleven ontwikkeld wordt.

Voedingswaardelogo’s, Europees of per land?

En wat doen andere landen  met voedingswaardelogo’s? In diverse landen verschijnen eigen logo’s en labels voor nutritioneel etiketteren van de hoeveelheid calorieën, vetten, verzadigde vetten, koolhydraten, suikers, proteïnen en zout. Terwijl een erkend en betrouwbaar Europees voedingswaardelabel eigenlijk beter past in een uniforme markt. Gaat ieder land het anders doen? In Nederland hanteerden we lange tijd het Ik Kies Bewust-logo, beter bekend als het Vinkje, maar dat mogen fabrikanten vanaf oktober niet meer op producten zetten. Nu gaan er stemmen op om het kleurensysteem van Nutri-Score in te voeren. Dit label geeft met een letter en een kleur, gemeten naar de hoeveelheden voedingsstoffen en ingrediënten, een beeld hoe gezond of ongezond een product is. De consument kan een product met dit logo snel en eenvoudig bestempelen tot gezond of minder gezond.

 

Heldere boodschap

 

Het Voedingscentrum heeft geen voorkeur voor de vorm van het logo. “Elk logo heeft voor- en nadelen die goed bestudeerd moeten worden. Om naar consumenten een heldere boodschap te communiceren, is het belangrijk dat alle producenten en winkels meedoen, de consument begrijpt wat het logo betekent, het logo de consument aanspreekt en het voor de consument duidelijk is dat voedingsmiddelen uit de Schijf van Vijf de meeste gezonde keuze zijn. Deze randvoorwaarden zijn ook belangrijk om te voorkomen dat consumenten minder vertrouwen in het etiket krijgen”, aldus Wieke van der Vossen, expert voedselveiligheid en etikettering van het Voedingscentrum.

Over de invloed van verschillende etikettering of gebruik van een logo door bedrijven die produceren voor verschillende Europese landen is de expert van het Voedingscentrum duidelijk: “De etiketten met voedingswaardes zijn in verschillende landen nu al anders, bijvoorbeeld alleen al in de taal. Dit zou volgens ons geen belemmering hoeven te zijn omdat bedrijven hier nu al op ingesteld zijn.”

 

In Europa is het dus verplicht om de voedingswaarde op het etiket te vermelden zoals aangegeven in de wet Voedselinformatie (Vo. 1169/2011). Maar binnen deze wetgeving is het gebruik van een logo niet verder uitgewerkt. Als het om logo’s gaat zijn er twee Europese wetten van belang: de wet Voedselinformatie en de Claimswetgeving (Vo. 1924/2006). “Er is verder niet in deze wetten vastgelegd welke logo’s gebruikt mogen worden en hoe dit is geregeld. Wel zijn er bijkomende eisen. De EU-commissie heeft bij het systeem Nutri-Score aangetekend dat de groene A-score eigenlijk een claim is die bij de commissie moet worden meegedeeld voor gebruik in het land.” De kanttekening houdt in dat een land moet melden wanneer het die groene A-score als claim voor gezonde producten gaat gebruiken.

 
 

Nutri-Score: twijfels in België

 

Zijn wij in Nederland in afwachting van een logo na het Vinkje, de Belgen besloten onlangs om Nutri-Score in te voeren. Supermarkten in Belgie introduceren Nutri-Score nu in de winkels. Delhaize vermeldt het label de komende jaren op steeds meer huismerkproducten en klanten van Colruyt-formules kunnen met de SmartWithFood-app de Nutri-Score van producten nagaan.

Voedingswaarde etikettering 27303 Bami goreng Boni Selection

Bami goreng, een van de eerste Boni Selection-producten met Nutri-Score label die Colruyt in de schappen brengt. (Beeld: Colruyt)

 

Toch weifelt de Belgische voedingsindustrie. Belgische foodfabrikanten geven de voorkeur aan Europese wetgeving. Als ieder land op eigen houtje te werk gaat, wordt exporteren mogelijk moeizaam. Verder bestaat de kans dat fabrikanten van ongezonde producten consumenten niet waarschuwen voor grote hoeveelheden suiker, vet en zout in hun producten. Waardoor het label minder betrouwbaar wordt voor consumenten.

Toch besloot de Belgische minister van Volksgezondheid Maggie De Block deze zomer om Nutri-Score in te voeren. Voedingsbedrijven bepalen weliswaar vrijwillig of ze het label gebruiken, maar het ministerie verwacht dat de Belgische industrie hiervoor kiest.

 

Naar Frans voorbeeld

 

België volgt met de introductie van Nutri-Score Frankrijk dat er sinds vorig jaar mee werkt en het systeem verder heeft ontwikkeld. Nutri-Score is gebaseerd op het verkeerslichtensysteem Traffic Light dat de Britse gezondheidsdienst FSA in 2007 al ontwikkelde. Dit label laat vier aparte kleuren zien voor de ingrediënten vet, verzadigd vet, suiker, zout.

Nutri-score 1

Ook de Fransen beschouwen de Europese regels over consumenteninformatie voor voedingsmiddelen als wettelijke basis. Deze bepalen onder meer dat landen eigen systemen kunnen invoeren zolang deze vrijwillig blijven. Maar dat geldt dus alleen voor producten die in het land zelf op de markt komen. En zo zien de Fransen dat ook met Nutri-Score. Toch zijn grote internationale merkfabrikanten als Bonduelle en Danone gestart met het systeem. Andere internationale concerns als Unilever, Mondelȇz, Nestlé, PepsiCo en Coca-Cola zien daarentegen niets in het label. Zij onderzoeken in een bredere EU-context of Evolved Nutrition Label initiatief ofwel vermelding van voedingswaarden op basis van kleuren en porties, consumenten zou kunnen helpen bij het maken van gezondere keuzes.

 

Logo alleen niet genoeg voor gezonder kiezen

Het Voedingscentrum geeft aan dat een voedselkeuzelogo alleen niet genoeg is om mensen gezonder te laten kiezen. “Het is een middel om mensen te laten zien wat gezondere producten zijn. Maar het is niet wetenschappelijk aangetoond dat voedselkeuzelogo’s ervoor zorgen dat mensen vaker voor gezondere producten kiezen. Een voedselkeuzelogo kan daarom onderdeel zijn van een integrale aanpak, maar er is meer nodig om mensen gezonder te laten kiezen”, aldus Van der Vossen.

Ook het instituut anses (agence Française de sécurité sanitaire de l’alimentation) onderzocht de impact van de keuzes die consumenten maakten en oordeelde dat op basis van de huidige kennis niet kan worden aangetoond dat dergelijke systemen ook invloed hebben op de volksgezondheid.

 

Quetzal Chocoladebar heeft gestage uitrol voor ogen

Formule gaat mee in goede marktkansen voor chocolade

Quetzal Chocoladebar opent met regelmaat nieuwe locaties. Robert Hoenderdos, master franchisegever Nederland, heeft een gestage uitrol naar vijftien tot twintig vestigingen voor ogen. De formule gaat mee in de goede marktkansen voor chocolade.

De opmars van Quetzal-formule gaat onverstoord door. Vorig jaar zomer begon chocoladebar nummer veertien aan het Stadhuisplein in Rotterdam. En in meer Nederlandse steden duikt de formule op, nadat de eerste Nederlandse Quetzal Chocoladebar afgelopen najaar twee jaar geleden in Amersfoort opende.

De franchiseformule brengt een uitgebreid aanbod producten van diverse chocoladesoorten. Op de menukaart staan bijna honderd soorten chocolademelk, maar ook chocolademilkshakes, ijs en fruit met chocolade, brownies, wafels, flensjes en andere chocoladeproducten.

 

Waar komen de chocoladeproducten van Quetzal vandaan?

‘De chocolade en aanverwante producten worden in de chocoladebars van Quetzal op een ambachtelijke en duurzame manier gemaakt van grondstoffen van Belgische chocoladeleveranciers. Alle producten worden dus vers bereid in de winkel.’

‘De halfproducten die afgebakken moeten worden zoals wafels, brownies en chocolade boterkoek, komen bij een geselecteerde kwaliteitsbakker in Nederland vandaan zodat iedereen altijd dezelfde kwaliteit heeft.’

 

Hoe heeft het assortiment van Quetzal zich ontwikkeld sinds de start van de formule in Nederland?

‘De formule brengt producten gebaseerd op diverse soorten chocolade. Op de menukaart staan ongeveer honderd soorten chocolademelk, maar ook chocolade milkshakes, ijs en fruit met chocolade, brownies, wafels, flensjes en andere chocoladeproducten. In het aanbod tevens koffie, thee, smoothies en sappen.’

‘Het assortiment van Quetzal is al meer dan vijftien jaar succesvol in België. Voor Nederland zijn er een klein aantal producten toegevoegd en een enkel artikel is verdwenen. Een voorbeeld is de toevoeging van de wafels en flensjes en het verdwijnen van de chocolademousse. Een populair product is de High Choq, een chocoladearrangement voor twee personen en er is een specialiteit als actie van de maand.’

 

 

U heeft een gestage uitrol van de formule voor ogen met vijftien tot twintig vestigingen in ons land. In Rotterdam kwam de tiende winkel.

 

‘Dat is de veertiende Quetzal-winkel in totaal en inderdaad de tiende in Nederland. We zouden echter sneller kunnen groeien als het vinden van de juiste locaties niet zo moeilijk was in de steden waar we ons graag willen vestigen.’

 

‘De nieuwste winkel in Rotterdam voldoet volledig aan de eisen als het gaat om de vestigingsplaats, veel passanten, studenten en natuurlijk toeristen. Het Stadhuisplein ontwikkelt zich tot een uitstekende locatie voor formules als Quetzal.’

Waarom is volgens u choco zo hot op dit moment?

‘Chocolade is hot omdat het mensen een goed gevoel geeft. Verder zijn er steeds meer onderzoeken dat chocolade een goede invloed heeft op het menselijk gestel. Pas nog heeft een onderzoeker aangetoond dat een chocolademelk na het sporten goed is voor het herstellen van het lichaam. Chocolade geeft de mens een geluksgevoel.’

Vandaar dus die goede marktkansen voor formules met chocolade en chocoladeproducten?

‘Ja, de consument is bovendien op zoek naar iets nieuws en iets anders, Koffiezaken zijn er genoeg; de meeste breiden op dit moment hun assortiment uit om meer klanten te trekken. Vanuit de basis chocolade zijn er weinigen die dit specialisme naar voren brengen. Maar natuurlijk hebben we ook gewoon een hele goede kop koffie.’

Toch moesten sinds de start van Quetzal in Nederland twee jaar geleden inmiddels drie vestigingen van Quetzal sluiten. Op welke locaties was dit en wat waren de redenen voor sluiting?

‘Die sluitingen hadden twee redenen. De eerste en belangrijkste is wel het toch net niet zijn van de juiste locatie. De andere reden is helaas van persoonlijke aard: de gezondheid laat soms de juiste exploitatie in de steek. De vestigingen die nu dicht zijn zaten in Nijmegen, Helmond en Purmerend.’

Wat zijn de belangrijkste groeipijnen voor een nieuwe formule? Hoe kunt u deze beperken en zich hiertegen wapenen ?

‘De groeipijnen voor een nieuwe formule zitten in het zoeken naar de balans van groei en de snelheid ervan. Er wordt veel gevraagd van ondernemers en de franchisegever. Dat vraagt een absoute samenwerking en focus van een ieder dezelfde kant op. Dit is zeker in het begin niet altijd even makkelijk.’’

Hoe onderscheidt de keten zich tussen de vele andere opkomende zoete formules in de winkelstraat?

‘Het onderscheid van Quetzal is duidelijk: wij werken met verse producten en bereiden alles vers voor de mensen. Vers en zuiver zie je ook in de vier soorten chocolade die altijd vloeibaar in de bars aanwezig is om de producten vers te maken.’

Hoe selecteert de onderneming nieuwe locaties en franchisenemers in Nederland? Welke plekken zijn kansrijk?

‘Zoals gezegd is de juiste locatie vinden het moeilijkst. Zoeken naar plekken met voldoende passanten, studenten en toeristen is de eerste focus. Dat vind je grote en middelgrote steden in Nederland. We zijn nu te vinden in onder meer Amsterdam, Utrecht, Haarlem, Den Bosch, Leiden, Hoofddorp en Maastricht. De doelstelling is om jaarlijks vijf vestigingen te openen.’

Hoe doet Quetzal, een van oorsprong Belgisch concept, het elders in Europa? Er zijn nu chocoladebars in Leuven en Antwerpen en in Chemnitz en Leipzig in Duitsland.

‘Duitsland en België zijn landen die zich goed ontwikkelen met nu vier locaties. België als basis van de chocolade natuurlijk voorop. De winkels zijn gevestigd op locaties in stadscentra en trekken klanten als studenten en toeristen.’

www.quetzal.nl

 

 Snijden Brownie Sfeer klantenQuetzal 1Quetzal (4)Quetzal Balie Bob choq 4 Quetzal (1)

Plus foto’s

Foto 1

Bijschrift:

(interieur met klanten van een Quetzal winkel)

Starten op de juiste locatie is voor formules als Quetzal het moeilijkst. Die plekken zijn te vinden in grote en middelgrote steden in Nederland. Quetzal dat hier nu tien winkels telt, wil jaarlijks vijf vestigingen openen.

Foto 2

Bijschrift:

De chocolade en aanverwante producten worden bij Quetzal vers gemaakt van grondstoffen van Belgische chocoladeleveranciers. Er zijn altijd vier soorten chocolade vloeibaar in de bars aanwezig om producten vers te maken.

Foto 3

Bijschrift:

De nieuwste winkel aan het Stadshuisplein in Rotterdam voldoet aan alle eisen die Quetzal aan de vestigingsplaats stelt: veel passanten, studenten en natuurlijk toeristen.

Foto  4

Bijschrift:

Op de menukaart van Quetzal staan ongeveer honderd soorten chocolademelk, maar ook chocolade milkshakes, ijs en fruit met chocolade, brownies, wafels, flensjes en andere chocoladeproducten.

 

Jutter Speijs werkt samen met Lekkerland voor versnelde uitrol

Jutter Speijs 3

Jutter Speijs wil in haar samenwerking met foodserviceleverancier Lekkerland in vijf jaar versneld uitrollen naar duizend onbemande gemakswinkels in binnen- en buitenland. De formule wil wekelijks een nieuwe winkel openen in grote hotelketens met tachtig tot honderdvijftig locaties in Nederland, Duitsland en Oostenrijk.

Jutter Speijs opereert met Lekkerland, huidig leverancier van het basisassortiment en internationaal vertegenwoordigd, in een unit voor automatisch bevoorraden. Naast hotels en kantoren kijkt de formule naar andere kanalen waar retail en hospitality samenkomen.

implementeren uitrol in andere sectoren met minder toezicht ook mogelijk”,  aldus Dekker die samen met Laurens de Kleine met het concept is verkozen tot een van de negen RetailRookies van 2018-2019.

 Die winkels van Jutter Speijs – dat zoveel als lekker eten verzamelen betekent – variëren sterk in oppervlakte, “van een drie vierkante meter, in feite een uitgebreide vendingcorner, tot locaties van veertig tot zestig vierkante meter. De meeste zijn te vinden in hotelketens rond Amsterdam, zoals NH Hotels, Tulip Inn, Crown Plaza, Artemis en The James in Rotterdam. Er volgen ook hotels in Hilversum, Utrecht en een eerste kantoorvestiging is ingericht in het Amsterdamse Adam Smith Building”, aldus Patrick Dekker.

Grab&go plus ontbijt

In de shop zijn de hele dag eten en drankjes verkrijgbaar zoals ontbijt en lunch producten maar ook kant-en-klare maaltijden, gezonde tussendoortjes en borrelsnacks te koop. De klant kiest zelf en betaalt met zelfscan. Nieuw is dat er nu ook een ontbijt voor hotelgasten verkrijgbaar is.

Dekker: “Waar onze shop normaal gezien de locatie totaal ontzorgt, vergt een breakfast-to-go aanvulling iets meer handling voor bijvoorbeeld het afbakken van croissantjes en broodjes. Maar dat biedt dan wel een goed alternatief voor locaties die worstelen met een traditioneel ontbijtbuffet, denk aan veel kosten in personeel en derving.”

 

“We zien dat de behoefte aan vers groeit. Zo heeft de locatie in het Adam Smith behoefte aan salades en verse yoghurts met granola. Deze dagverse producten worden aangeleverd door cateraar Meinders Catering in Badhoevedorp.  Lekkerland levert het basisassortiment.”

Dagvers van lokale ondernemers

Het toevoegen van dagverse producten van lokale ondernemers is voor Jutter Speijs zeker een optie. “We hebben zelf een oorsprong met ons kaasplankje met worstjes, kaas en mosterd dat we zelf ontwikkelden. We focussen echter eerst op het finetunen. Vervolgens komt verbreden van het aanbod in de shops aan de orde”, stelt Dekker.

“We beschikken inmiddels over een schat aan aankoopgegevens en andere data waarmee we het assortiment verder kunnen afstemmen. Aan de hand van sensoren in de shop weten we waar de voorkeur van de klant wel of niet naar uit gaat”, legt Patrick Dekker uit.

 

  

Oudere berichten »

 

  Kennis- en innovatieplatform voor de agrifoodketen ©2019 Ria Besseling